ECLI:NL:GHARL:2022:280
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Beswerda
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over toekenning proceskostenvergoeding bij telefonische hoorzitting in Wahv-procedure
In deze zaak stond het hoger beroep van het Openbaar Ministerie tegen de beslissing van de kantonrechter centraal, die een proceskostenvergoeding had toegekend aan de betrokkene na een telefonische hoorzitting in een procedure op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv).
De officier van justitie stelde dat de kantonrechter ten onrechte een heel punt had toegekend voor de hoorzitting, terwijl volgens hem slechts een half punt passend was vanwege de geringe inspanning van een telefonische hoorzitting. De gemachtigde van de betrokkene betoogde dat de forfaitaire regeling van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) juist een heel punt rechtvaardigde, mede door de voorbereiding die was getroffen.
Het hof oordeelde dat de kantonrechter een onjuiste rechtsopvatting had door telefonisch horen gelijk te stellen aan fysieke hoorzitting en bevestigde dat de wetgever een telefonische hoorzitting niet als een volledige hoorzitting beschouwt. Daarom is een half punt passend. De specifieke voorbereidingswerkzaamheden van de gemachtigde worden niet als onderdeel van de hoorzitting zelf gezien.
Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter voor zover het de proceskostenvergoeding betrof en legde de advocaat-generaal op de proceskosten van de betrokkene te vergoeden tot een bedrag van € 1.164,75. Hiermee wordt een uniforme rechtstoepassing in Wahv-zaken bevorderd.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beslissing van de kantonrechter over de proceskostenvergoeding en veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van € 1.164,75 aan de betrokkene.