Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
J.E. Bouw B.V.
Rechtbank Noord-Holland
De werkgever J.E. Bouw vordert van werknemer [gedaagde] een schadevergoeding van €7.420,22 wegens het niet inleveren van sleutels van een bedrijfswagen en bedrijfspand, het leggen van onrechtmatig beslag en een opgelegde boete. De arbeidsovereenkomst liep van 24 augustus 2020 tot 23 februari 2021, waarbij de werknemer zich op 6 september 2020 ziek meldde.
De kantonrechter oordeelt dat de werknemer niet aansprakelijk is voor de schade, omdat niet is gesteld of gebleken dat deze het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid. De werknemer had geen verplichting om de sleutels in te leveren op het moment van sommatie, en er is onvoldoende bewijs voor een noodzaak tot vervanging van de sleutels. De boete opgelegd aan de werkgever wegens overtreding van de Wet wegvervoer goederen kan niet op de werknemer worden verhaald, omdat deze boete niet is opgelegd op grond van artikel 5 Whav Pro en de werkgever verantwoordelijk is voor controle van rijbewijzen.
Ook het beslag op een bankrekening was niet onrechtmatig, omdat de werkgever een deel van het loon onterecht had ingehouden en de werknemer daarom bevoegd was tot executie. Er is geen sprake van misbruik van recht. De kantonrechter wijst de vordering af en veroordeelt de werkgever tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de werkgever tot schadevergoeding wordt afgewezen en de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.