ECLI:NL:RBNHO:2022:6095
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking exploitatievergunning en gedoogverklaring coffeeshop Beverwijk
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de besluiten van de burgemeester van Beverwijk tot intrekking van de exploitatievergunning en gedoogverklaring van zijn coffeeshop en de sluiting daarvan voor drie maanden. De intrekking is gebaseerd op bestuurlijke rapportages waaruit blijkt dat verzoeker en een mede-beheerder herhaaldelijk betrokken zijn bij druggerelateerde strafbare feiten en andere overtredingen.
Verzoeker betwist de beschuldigingen en voert aan dat sommige incidenten niet aan hem kunnen worden toegerekend, dat er sprake is van dubbeltelling en dat hij niet verantwoordelijk is voor onderhuur van bedrijfspanden waar hennepkwekerijen werden aangetroffen. De burgemeester stelt dat de feiten en omstandigheden in onderlinge samenhang wijzen op slecht levensgedrag dat onverenigbaar is met de exploitatie van een coffeeshop.
De voorzieningenrechter volgt het standpunt van de burgemeester en oordeelt dat het bestuursrechtelijke kader andere normen en bewijsregels kent dan het strafrecht. De intrekking van de vergunning en gedoogverklaring wordt voorlopig gehandhaafd omdat het belang van de openbare orde en veiligheid zwaarder weegt dan het financiële belang van verzoeker. De bezwaren zullen op korte termijn inhoudelijk worden behandeld, zodat afwachting van die beslissing passend is.
Uitkomst: De voorlopige voorziening tegen de intrekking van de exploitatievergunning en gedoogverklaring van de coffeeshop wordt afgewezen.