ECLI:NL:RBNHO:2022:6469
Rechtbank Noord-Holland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Voorlopige toewijzing zorgregeling en medehuurderschap na echtscheiding
De rechtbank Noord-Holland behandelde een kort geding tussen voormalige echtgenoten over de zorg voor hun minderjarige kind en het gebruik van de woning. De moeder vorderde medehuurderschap en uitsluitend gebruik van de woning, alsmede toewijzing van het kind en een zorgregeling conform het ouderschapsplan. De vader vorderde eveneens uitsluitend gebruik van de woning en toewijzing van het kind aan hem.
Partijen waren gehuwd en hebben samen twee minderjarige kinderen. Na de echtscheiding bleef de moeder met de kinderen in de woning van de vader wonen. De vader ontzegde de moeder de toegang tot de woning, waarna zij tijdelijk elders verbleef. De rechtbank oordeelde dat het kind voorlopig aan de vader wordt toevertrouwd, omdat hij het grootste deel van de verzorging en opvoeding op zich neemt. Een tijdelijke zorgregeling werd vastgesteld waarbij het kind wekelijks deels bij beide ouders verblijft en de zomervakantie wordt verdeeld volgens het eerdere ouderschapsplan.
De vader kreeg het uitsluitend gebruik van de woning toegewezen, maar moest medewerking verlenen aan het medehuurderschap van de moeder, aangezien zij drie jaar in de woning heeft gewoond en de verhuurder geen bezwaar heeft. De moeder werd verboden de woning zonder toestemming te betreden. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: Het minderjarige kind wordt voorlopig aan de vader toevertrouwd, de vader krijgt het uitsluitend gebruik van de woning, en moet medewerking verlenen aan het medehuurderschap van de moeder.