Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 september 2022 in de zaak tussen
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Arnhem, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Eiseres concludeert tot gegrondverklaring van het beroep, vernietiging van de uitspraak op bezwaar en vermindering van de belastingaanslag. Voorts verzoekt eiseres om vergoeding van het betaalde griffierecht, een dwangsom ten bedrage van € 25.000 als verweerder eiseres jaarlijks niet vóór 1 juli bericht over de vastgestelde aanslag en jaarlijks niet uiterlijk op l juli het vastgestelde bedrag op de bankrekening van eiseres heeft gestort en om een schadevergoeding ten bedrage van € 250.000 door geleden schokschade.
Op de zitting heeft verweerder desgevraagd niet (langer) ontkend dat eiseres ziek is. Ter zitting heeft verweerder namelijk verklaard dat het hem duidelijk is dat eiseres aan een ziekte lijdt, omdat zij arbeidsongeschikt is en een UWV-uitkering ontvangt.
De rechtbank constateert dat eiseres echter niets van dit alles heeft overgelegd, terwijl de wet duidelijk wel iets vereist om aan te tonen dat er voor gezinshulp in aanmerking komende kosten zijn gemaakt en hoe hoog die zijn. Ook al wil de rechtbank wel aannemen dat eiseres hulp moet krijgen, het is niet duidelijk geworden waarom eiseres dit overzicht niet heeft kunnen geven.
De conclusie is dat eiseres niet voldoet aan de voorwaarden voor de aftrek van kosten voor extra gezinshulp.
Gelet hierop bestaat geen recht op een aftrek voor eiseres in verband met uitgaven voor extra kleding en beddengoed.