Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 juli 2023 in de zaak tussen
[eiser 1], uit [plaats 1] ,
[eiser 2], uit [plaats 2] ,
[bedrijf] B.V., uit [plaats 3] ,
Rechtbank Noord-Holland
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de weigering van een omgevingsvergunning voor het bouwen van 22 appartementen op een perceel in Krommenie. Verweerder wees de aanvraag af vanwege strijd met het bestemmingsplan en andere belangen. De rechtbank oordeelde in een tussenuitspraak dat de motivering van verweerder ondeugdelijk was en gaf hem de gelegenheid dit te herstellen.
In de aanvullende motivering stelde verweerder dat het project nog steeds in strijd is met het bestemmingsplan omdat meerdere hoofdgebouwen met dezelfde planologische functie op één kadastraal perceel zijn geprojecteerd, wat niet is toegestaan. De rechtbank bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de motivering op dit punt nu deugdelijk is.
Verder werd het vertrouwensbeginsel besproken. Verweerder stelde dat zwaarwegende belangen, zoals negatieve adviezen over erfgoed en stedenbouw en privaatrechtelijke belemmeringen, het honoreren van gewekte verwachtingen in de weg staan. De rechtbank vond dat verweerder deze belangen terecht zwaarder mocht wegen en dat het motiveringsgebrek hiermee was hersteld.
De rechtbank oordeelde echter dat verweerder niet voldoende onderzoek had gedaan naar mogelijke schadevergoeding voor eisers, die aanzienlijke investeringen hadden gedaan. Daarom moet verweerder een nieuw besluit nemen over de vergoeding van eventuele schade. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.