De kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland behandelde een civiele zaak tussen Budget Thuis B.V. en een consument waarbij de eisende partij een vordering had ingesteld tot betaling van openstaande termijnbedragen en een opzegvergoeding. De kantonrechter kwam ambtshalve toe aan de toetsing van de precontractuele informatieplichten zoals voorgeschreven in de artikelen 6:230m lid 1 en 6:230t lid 1 BW.
Uit de stukken bleek dat Budget Thuis B.V. niet voldeed aan de informatieplicht omtrent het vermelden van het geografische adres, telefoonnummer en e-mailadres van de handelaar, noch aan de verplichting om duidelijk te informeren over de minimale contractduur en opzegtermijn tijdens het bestelproces. Ook ontbrak volledige informatie op de duurzame gegevensdrager. Hierdoor werd geconcludeerd dat sprake was van schending van deze informatieplichten.
De kantonrechter paste een sanctie toe door de overeenkomst gedeeltelijk te vernietigen voor 25% van de hoofdsom, mede op basis van de artikelen 3:40 lid 2 en 3:41 BW en bepalingen omtrent oneerlijke handelspraktijken. Tevens werd het buitengerechtelijke incassokostenbeding vernietigd omdat het aanzienlijk afweek van de wettelijke regeling en daardoor oneerlijk was. De gevorderde incassokosten werden afgewezen.
De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 227,11 plus wettelijke rente vanaf de dagvaarding, proceskosten en nakosten. De veroordelingen werden uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.