Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het niet gebruiken van de rijbaan als (snor)fietser terwijl er geen verplicht fietspad of fiets/bromfietspad aanwezig was. Betrokkene maakte bezwaar en stelde beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting gaf de vertegenwoordiger van de officier van justitie aan de beslissing te wijzigen en het beroep gedeeltelijk gegrond te verklaren. De kern van het geschil betrof de feitcode die was toegepast; betrokkene reed op een bromfiets en de juiste feitcode zou R311 moeten zijn. De kantonrechter stelde vast dat betrokkene inderdaad als bromfietser de rijbaan gebruikte zonder verplicht fietspad, waardoor de feitcode moest worden aangepast.
De kantonrechter vernietigde de eerdere beslissing van de officier van justitie, verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond en wijzigde de feitcode en omschrijving van de gedraging. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van betrokkene, vastgesteld op €1.284,75. De uitspraak werd in het openbaar gedaan door kantonrechter M.P. de Valk.
Uitkomst: Het beroep wordt gedeeltelijk gegrond verklaard, de feitcode gewijzigd naar R311 en proceskostenvergoeding toegekend.