Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
12 juli 2023de stellingen in de dagvaarding nader toe te lichten door de inlichtingen te verstrekken zoals hiervoor is overwogen;
Rechtbank Noord-Holland
In deze civiele procedure vordert NS Reizigers B.V. betaling van openstaande reiskosten en OV-fiets huurkosten van de gedaagde, die de vordering erkent. De rechtbank beoordeelt dat de reisovereenkomst onder artikel 8:100 BW Pro valt en dat NS heeft voldaan aan de informatieplichten volgens artikel 6:230h lid 5 BW, waardoor dit deel van de vordering toewijsbaar is.
De overeenkomst voor het huren van een OV-fiets kwalificeert als een verkoopruimte-overeenkomst onder artikel 6:230l BW. NS heeft ook hier de informatieplichten voldoende onderbouwd. De kantonrechter benadrukt de ambtshalve toetsing van algemene voorwaarden op oneerlijke bedingen conform het Dexia-arrest en Richtlijn 93/13/EEG, waarbij het evenwicht tussen rechten en plichten van partijen centraal staat.
Concreet wordt het incassokostenbeding in de Productvoorwaarden NS Flex kritisch beoordeeld; dit beding lijkt in strijd met artikel 6:96 lid 6 BW Pro omdat het incassokosten direct bij verzuim toekent. NS krijgt gelegenheid tot nadere toelichting. De kantonrechter houdt de verdere beslissing aan en beveelt NS aan om uiterlijk 12 juli 2023 een nadere onderbouwing te verstrekken.
Uitkomst: De rechtbank houdt de verdere beslissing aan en beveelt NS tot nadere toelichting over het incassokostenbeding.