ECLI:NL:RBNHO:2023:13693

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
28 september 2023
Publicatiedatum
9 januari 2024
Zaaknummer
10570056 \ CV EXPL 23-2054
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging oneerlijk beding buitengerechtelijke incassokosten in algemene voorwaarden T-Mobile

De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland heeft bij verstekvonnis van 28 september 2023 geoordeeld over de geldigheid van artikel 11 van Pro de Algemene Voorwaarden van T-Mobile, geldig vanaf 29 juni 2017. De eisende partij, CE Credit Management Invest Fund 1 B.V., vorderde betaling van een bedrag inclusief buitengerechtelijke incassokosten van de gedaagde, die niet is verschenen.

In een tussenvonnis werd de eisende partij in de gelegenheid gesteld haar vordering nader toe te lichten en zich uit te laten over het vermoeden dat het beding onredelijk bezwarend is. De kantonrechter constateerde dat het beding buitengerechtelijke incassokosten zonder maximum en zonder voorwaarden toelaat, wat afwijkt van de wettelijke regeling en leidt tot een onevenredige verstoring van het evenwicht tussen partijen.

De kantonrechter oordeelde dat het beding daarom oneerlijk is en vernietigde het ambtshalve. Hierdoor vervalt ook het recht op vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten op grond van artikel 6:96 BW Pro. De gevorderde incassokosten werden afgewezen. De gedaagde werd veroordeeld tot betaling van het hoofdbedrag en proceskosten, waarbij de kosten van de akte voor rekening van de eisende partij blijven omdat zij verantwoordelijk is voor het nemen daarvan.

Uitkomst: Het oneerlijke beding inzake buitengerechtelijke incassokosten wordt vernietigd en deze kosten worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
Locatie Zaanstad
Zaaknr./rolnr.: 10570056 \ CV EXPL 23-2054
Uitspraakdatum: 28 september 2023
Verstekvonnis in de zaak van:
de besloten vennootschap
CE Credit Management Invest Fund 1 B.V.
gevestigd te Delft
de eisende partij
gemachtigde: LegalSteps B.V.
tegen
[gedaagde]
wonende te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen

1.De procedure

1.1.
Bij tussenvonnis van 13 juli 2023 (hierna: het tussenvonnis) heeft de kantonrechter de eisende partij in de gelegenheid gesteld haar vordering nader toe te lichten, hetgeen zij bij akte van 10 augustus 2023 (hierna: de akte) heeft gedaan.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen.
2.2.
De eisende partij is in het tussenvonnis in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over het vermoeden van de kantonrechter dat artikel 11 van Pro de Algemene Voorwaarden T-Mobile Netherlands B.V. Abonnee Consument geldig vanaf 29 juni 2017 (hierna: algemene voorwaarden) onredelijk bezwarend is.
2.3.
De eisende partij heeft aangevoerd dat het evenredigheidsbeginsel bepaalt dat de sanctie zo nauwkeurig mogelijk op de norm(schending) wordt afgestemd, ten einde de ‘alles of niets’-benadering te nuanceren.
2.4.
De eisende partij heeft zich met deze stellingname niet nader uitgelaten over (de oneerlijkheid van) het beding. De kantonrechter stelt vast dat het beding zodanig geformuleerd is dat het impliceert dat de buitengerechtelijke incassokosten steeds en zonder voorwaarden in rekening kunnen worden gebracht. Daarmee wijkt dit (aanzienlijk) af van de wettelijke regeling over de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Er is geen maximum opgenomen en dat leidt ertoe dat onbeperkte kosten voor rekening van de consument zouden kunnen komen. Hiermee wordt het evenwicht onevenredig verstoord. Dit leidt ertoe dat de kantonrechter het beding oneerlijk acht en dit daarom ambtshalve vernietigt. Als gevolg daarvan vervalt ook het recht op een wettelijke vergoeding (op grond van artikel 6:96 BW Pro). De kantonrechter wijst de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten daarom af.
2.5.
De gedaagde partij wordt grotendeels in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten voor het nemen van de akte blijven voor de eisende partij omdat het aan haar te wijten is dat er een akte moest worden genomen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 365,66, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de vervaldatum van de facturen tot aan de dag van de gehele betaling;
3.2.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
€ 107,84 wegens dagvaardingskosten,
€ 128,00 wegens griffierecht en
€ 80,00 wegens salaris gemachtigde;
3.3.
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Kruithof en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter