ECLI:NL:RBNHO:2023:1422
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding studentenreisproduct wegens tijdige indiening gegevens
Eiser vroeg schadevergoeding aan voor het studentenreisproduct over de periode 10 oktober tot en met 30 november 2021, omdat hij geen gebruik kon maken van het reisproduct. Verweerder had het verzoek afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank behandelde het beroep op 15 februari 2023 via beeldverbinding.
Eiser had studiefinanciering gekregen over januari tot en met augustus 2021. Na 1 september 2021 werd hem medegedeeld dat hij geen recht meer had op het studentenreisproduct, tenzij hij tijdig een nieuwe arbeidsovereenkomst en salarisspecificaties zou overleggen. Eiser leverde deze documenten pas in oktober en november 2021 aan, waardoor het reisrecht pas met terugwerkende kracht per 30 november 2021 kon worden toegekend.
De rechtbank oordeelde dat eiser ruim op tijd op de hoogte was van de noodzaak tot tijdige indiening, maar dit niet had gedaan. Er was geen sprake van een onrechtmatig besluit. Wel was er sprake van een motiveringsgebrek in het bestreden besluit, maar dit werd gepasseerd omdat eiser hierdoor niet benadeeld was. Het beroep werd ongegrond verklaard en verweerder werd gelast het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van schadevergoeding voor het studentenreisproduct wordt ongegrond verklaard.