Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 9 februari 2023 in de zaak tussen
[Bedrijf] B.V., gevestigd te [plaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Verweerder stelt dat de door eiseres verrichte betaling aan het Ministerie een vergoeding vormt voor een door het Ministerie aan eiseres verrichte afzonderlijke dienst, te weten het afdekken van het renterisico ingevolge de hedge-regeling. Deze vergoeding houdt rechtstreeks verband met de hoofdsom van de leningen en de actuele rentestand en houdt geen rechtstreeks verband met de bouw en het beschikbaar houden van de HSL-zuid. Dat de betaling voor de dienst van eiseres aan het Ministerie wordt verrekend met de betaling voor de dienst van het Ministerie aan eiseres doet niets af aan het feit dat het voor de omzetbelasting om twee afzonderlijke prestaties gaat. Er is dus geen sprake van een prijsvermindering van de door eiseres ontvangen beschikbaarheidsvergoedingen. Verweerder concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep.