ECLI:NL:RBNHO:2023:1924
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid schatting en matiging verzuimboetes in belastingaanslagen 2016-2018
Eiser is aangeslagen voor inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en Zorgverzekeringswet over de jaren 2016 tot en met 2018, waarbij ook verzuimboetes zijn opgelegd vanwege het niet indienen van aangiften. Eiser betwist de redelijkheid van de schattingen van zijn inkomen, onder meer omdat hij stelt dat sommige uitgaven niet zijn meegenomen en dat hij geen economische eenheid vormt met de moeder van zijn kinderen, aan wie inkomsten ten onrechte zouden zijn toegerekend.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet de vereiste aangiften heeft gedaan, waardoor de bewijslast omgekeerd en verzwaard is. Verweerder heeft op basis van vermogensvergelijkingen en andere gegevens een redelijke schatting van het inkomen gemaakt, waarbij het redelijk is uitgegaan van een economische eenheid met de moeder van de kinderen. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat de aanslagen onjuist zijn.
Tegen de verzuimboetes zijn geen afzonderlijke grieven ingediend, maar de rechtbank constateert dat de redelijke termijn voor de behandeling van de boetes is overschreden. Daarom worden de boetes voor 2016 met 15% en voor 2017 en 2018 met 10% gematigd. De beroepen worden verder ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanslagen worden ongegrond verklaard en de verzuimboetes worden gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn.