In deze civiele zaak vordert een aandeelhouder van Colorful Licenses Holding B.V. (CLH) schadevergoeding van medeaandeelhouder Cakewalk B.V. wegens vermeend onrechtmatig handelen. De eiseres stelt dat Cakewalk de indirecte dochtervennootschap Colorful Licenses International B.V. (CLI) zou hebben leeggehaald en de onderneming onrechtmatig heeft overgeheveld naar Meca Brands B.V., waardoor haar aandelen in CLH waardeloos zijn geworden.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen gebaseerd zijn op afgeleide schade, waarbij de aandeelhouder schade lijdt door onrechtmatig handelen jegens de vennootschap. Volgens vaste rechtspraak kan alleen de vennootschap zelf schadevergoeding vorderen, tenzij sprake is van specifiek onzorgvuldig handelen tegenover de aandeelhouder. Dit laatste is niet vastgesteld.
De rechtbank stelt vast dat de handelingen waar de eiseres op wijst, zoals de oprichting van Meca en overdracht van intellectuele eigendomsrechten, niet aan Cakewalk zijn toe te rekenen maar aan het bestuur van andere vennootschappen. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de slechte financiële situatie van de Colorful Licenses-groep niet reeds de waarde van de aandelen had aangetast.
Daarom wijst de rechtbank de vorderingen af en veroordeelt de eiseres in de proceskosten. De proceskosten aan de zijde van Cakewalk worden vastgesteld op € 12.563,-, te vermeerderen met wettelijke rente. Het vonnis is gewezen door drie rechters en in het openbaar uitgesproken op 26 april 2023.