Eiser heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op zijn bezwaar tegen de afwijzing van zijn verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige verwerking van zijn persoonsgegevens in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) van de Belastingdienst.
De rechtbank oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat niet voldaan is aan de vereisten van tijdigheid en schriftelijkheid van de weigering van een besluit. Tevens wijst de rechtbank het verzoek om schadevergoeding af omdat eiser onvoldoende heeft aangetoond dat er een causaal verband bestaat tussen de onrechtmatige verwerking en de door hem gestelde schade. De fiscale procedures waar eiser schade uit afleidt, betreffen jaren vóór de registratie in de FSV.
De rechtbank benadrukt dat het gebruik van de FSV niet voldeed aan de AVG, maar dit leidt niet automatisch tot schadeplicht. Eiser heeft ook geen concrete bewijsstukken overgelegd ter onderbouwing van de hoogte van de schade. Het beroep wordt derhalve niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.