Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[naam 2],
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De vordering, het verweer en de tegenvordering
4.De beoordeling
- salaris gemachtigde € 339,00 (1 punt x tarief € 339,00)
- nakosten €
- totaal € 474,00.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Deze civiele zaak betreft een geschil over de betaling van schilderwerkzaamheden verricht door een besloten vennootschap (bv) die was voortgezet uit een eenmanszaak. De opdrachtgever betwistte de factuur en stelde een tegenvordering in wegens gebreken, meerwerk zonder waarschuwing, en schade.
De kantonrechter oordeelde dat geen harde opleverdatum was overeengekomen en dat de opdrachtgever de schilder geen redelijke termijn had gegeven om gebreken te herstellen. De opdrachtgever was daardoor in verzuim en niet bevoegd de overeenkomst te ontbinden. De factuur voor het schilderwerk, met een overeengekomen totaalbedrag van € 4.000, waarvan € 2.000 al was betaald, werd deels toegewezen.
De tegenvordering van de opdrachtgever werd afgewezen omdat onvoldoende bewijs was geleverd voor wanprestatie, onrechtmatige meerwerkclaims en schade. De kantonrechter stelde dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen, en veroordeelde de opdrachtgever tot betaling van de resterende € 2.000 plus wettelijke rente vanaf 23 januari 2024.
Uitkomst: De opdrachtgever is veroordeeld tot betaling van € 2.000 aan de bv met wettelijke rente, en de tegenvordering is afgewezen.