Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[adres] ,
1.De vordering
€ 81.870,88en dat aan de veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling aan de Staat van dat bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
2.Het verloop van de procedure
3.Het standpunt van de officier van justitie
4. Het standpunt van de verdediging
= € 56.343,06. Voor dit bedrag geldt dat de relevante bewijsmiddelen zoals opgenomen in het strafvonnis, ook tot bewijs dienen in deze ontnemingszaak.
€ 56.343,06.
7.Toepasselijke wettelijke bepaling
8.Beslissing
€ 56.343,06(zegge: zesenvijftigduizend driehonderddrieënveertig euro en zes eurocent).
€ 56.343,06(zegge: zesenvijftigduizend driehonderddrieënveertig euro en zes eurocent) ontneming van door hem wederrechtelijk verkregen voordeel.