Tijdens een integrale controle op 12 oktober 2023 werd in een pand in Zaandam een hoeveelheid van 83,5 kilogram synthetische drugs (a-PiHP) in beslag genomen. De stof was op dat moment niet opgenomen op lijst I van de Opiumwet, maar werd door het Nederlands Forensisch Instituut aangemerkt als een nieuwe psychoactieve stof (NPS) met vergelijkbare gezondheidsrisico's.
Het Openbaar Ministerie diende een vordering tot onttrekking aan het verkeer in, maar gaf aan dat nader strafrechtelijk onderzoek nog moest plaatsvinden omdat het strafbare feit niet met zekerheid kon worden vastgesteld. De klaagster voerde aan dat het beslag onrechtmatig was vanwege détournement de pouvoir, omdat de stof ten tijde van inbeslagneming niet strafbaar was.
De rechtbank oordeelde dat het openbaar ministerie haar bevoegdheid rechtmatig had gebruikt en dat de vordering tot onttrekking aan het verkeer moest worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van een strafbaar feit. Het klaagschrift werd ongegrond verklaard omdat het lopende onderzoek en het volksgezondheidsbelang het voortduren van het beslag rechtvaardigen. De rechtbank verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk en wees het klaagschrift af.