ECLI:NL:RBNHO:2025:11070
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en toewijzing gezag aan moeder in belang minderjarige
De rechtbank Noord-Holland heeft op 26 september 2025 uitspraak gedaan in een zaak over het gezamenlijk gezag van ouders over hun minderjarige kind. De moeder verzocht de beëindiging van het gezamenlijk gezag en toewijzing van het gezag aan haar alleen, omdat de vader niet betrokken is bij het leven van het kind en belangrijke beslissingen blokkeert.
De procedure omvatte een verzoekschrift van de moeder, een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming en een zitting waarbij de vader niet aanwezig was. De minderjarige werd gehoord tijdens een kindgesprek. De rechtbank beoordeelde dat het gezamenlijk gezag volgens Nederlands recht van toepassing is, gezien de verblijfplaats en geboorte van het kind.
De rechtbank oordeelde dat het gezamenlijk gezag niet in het belang van het kind is vanwege het langdurige gebrek aan communicatie tussen de ouders, de onbereikbaarheid van de vader en het feit dat belangrijke beslissingen, zoals vakanties en naturalisatie, worden vertraagd of onmogelijk gemaakt. Daarom werd het verzoek van de moeder toegewezen en het gezag aan haar alleen toegekend.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan worden aangevochten door hoger beroep binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en het gezag wordt aan de moeder toegekend.