ECLI:NL:RBNHO:2025:1218

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
7 februari 2025
Publicatiedatum
10 februari 2025
Zaaknummer
11460902 \ AO VERZ 24-159
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 46b Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing van arbeidsrechtelijke zaak naar rechtbank Amsterdam wegens rechterlijke betrokkenheid

In deze zaak heeft de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland op 7 februari 2025 besloten om een arbeidsrechtelijke procedure door te verwijzen naar de rechtbank Amsterdam. Dit besluit is genomen op grond van artikel 46b van de Wet op de rechterlijke organisatie, dat het mogelijk maakt een zaak te verwijzen indien de betrokkenheid van de rechtbank de behandeling door een andere rechtbank wenselijk maakt.

De reden voor de verwijzing is dat de verwerende partij tot 2024 als rechter in opleiding en sinds 2022 als rechter-plaatsvervanger bij de rechtbank Noord-Holland werkzaam is geweest. Gezien deze eerdere betrokkenheid acht de kantonrechter het gepast dat een andere rechtbank de zaak behandelt om belangenverstrengeling of schijn van partijdigheid te voorkomen.

De procedure was reeds in behandeling bij de rechtbank Noord-Holland en omvatte een verzoekschrift, een verweerschrift met zelfstandig tegenverzoek en aanvullende producties van de verwerende partij. De griffier van de rechtbank Amsterdam zal de partijen informeren over het verdere verloop van de procedure.

Het vonnis is in het openbaar uitgesproken en ondertekend door kantonrechter E. Jochem.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar de rechtbank Amsterdam wegens eerdere rechterlijke betrokkenheid bij de rechtbank Noord-Holland.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11460902 \ AO VERZ 24-159
Uitspraakdatum: 7 februari 2025
Beschikking in de zaak van:
de maatschap
[verzoeker]
gevestigd te [plaats 1]
verzoekende partij
hierna te noemen: [verzoeker]
gemachtigde: mr. M.M.J.F. Sijben
tegen
[verweerder]
wonende te [plaats 2]
verwerende partij
hierna te noemen: [verweerder]
gemachtigde: mr. S.P.A. Bollen

1.Het procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift;
  • het (herziene) verweerschrift met zelfstandig tegenverzoek;
  • de brief van [verweerder] van 5 februari 2025 met aanvullende producties.

2.De beoordeling

2.1.
Op grond van artikel 46b van de Wet op de rechterlijke organisatie (Wet RO) kan de rechtbank een zaak ter verdere behandeling verwijzen naar een andere rechtbank, indien naar haar oordeel door betrokkenheid van de rechtbank behandeling van die zaak door een andere rechtbank gewenst is.
2.2.
De kantonrechter overweegt dat [verweerder] tot 2024 werkzaam is geweest als rechter in opleiding bij de rechtbank Noord-Holland. Verder is [verweerder] sinds 2022 rechter-plaatsvervanger bij de rechtbank Noord-Holland. Gelet hierop acht de kantonrechter behandeling van deze zaak door een andere rechtbank gewenst en zal zij deze zaak verwijzen naar de rechtbank Amsterdam. De griffier van die rechtbank zal partijen informeren over het verdere verloop van de procedure.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rechtbank Amsterdam, kanton (arbeidszaken).
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Jochem en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter