ECLI:NL:RBNHO:2025:8600
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening handhaving en omgevingsvergunning wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoekers hebben een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening te treffen tegen besluiten van 28 april 2025 (handhaving) en 21 mei 2025 (omgevingsvergunning) met betrekking tot een perceel te [plaats]. De voorzieningenrechter beoordeelt dit verzoek zonder zitting en stelt vast dat het verzoek kennelijk ongegrond is.
De omgevingsvergunning betreft de legalisatie van een aanbouw die al sinds 2012 aanwezig is, en er wordt geen nieuw gebouw gerealiseerd. Verzoekers hebben niet aannemelijk gemaakt dat er sprake is van onverwijlde spoed, zoals acuut gevaar of ernstige inbreuk op hun rechten, die onmiddellijke verandering van de situatie rechtvaardigt.
Daarom ontbreekt het aan een rechtens te honoreren spoedeisend belang bij het verzoek om voorlopige voorziening. Het verzoek wordt dan ook afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De voorzieningenrechter benadrukt dat een afzonderlijk verzoek nodig is voor de omgevingsvergunning, maar ook daar ontbreekt het spoedeisend belang.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.