ECLI:NL:RBNHO:2025:8834

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 juli 2025
Publicatiedatum
1 augustus 2025
Zaaknummer
1187099 CB VERZ 24-84
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 lid 2 sub a van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag curator wegens nalatigheid en benoeming nieuwe curator in ondercuratelestelling

Betrokkene is sinds 15 juni 2021 onder curatele gesteld wegens een lichte verstandelijke beperking en een ernstige stoornis in het autistisch spectrum, waardoor hij niet in staat is zijn belangen zelfstandig te behartigen. Fidinda CBM BV is sinds die datum curator, maar heeft nauwelijks werkzaamheden verricht en slaagde er niet in om de zorgsituatie te verbeteren. Contact met betrokkene is vrijwel onmogelijk en verloopt via zijn moeder, die de communicatie met zorgverleners afhoudt.

Ondanks meerdere verzoeken en mondelinge behandelingen verschenen betrokkene en zijn moeder niet, terwijl Fidinda aangaf bezig te zijn met het opstarten van ambulante begeleiding. De kantonrechter constateert dat de situatie verslechterd is, met meer zorgen over de veiligheid en ontwikkeling van betrokkene dan bij het instellen van de curatele. Fidinda heeft niet daadkrachtig opgetreden en weigert in te grijpen uit vrees de relatie tussen moeder en betrokkene te verstoren.

De kantonrechter oordeelt dat de meest vergaande beschermingsmaatregel, curatele, noodzakelijk blijft en dat Fidinda tekort is geschoten in haar taak. Daarom wordt Fidinda ontslagen als curator en wordt Saillant B.V. benoemd als nieuwe curator. De beloningen voor beide curatoren worden vastgesteld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en is op 30 juli 2025 uitgesproken.

Uitkomst: De curator Fidinda CBM BV wordt ontslagen wegens nalatigheid en Saillant B.V. benoemd als nieuwe curator.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer: 11187099 CB VERZ 24-84MV
Uitspraakdatum: 30 juli 2025

Beschikking van de kantonrechter

inzake de ondercuratelestelling van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: betrokkene,
van wie thans curator is:
Fidinda CBM BV,
gevestigd te Sliedrecht,
hierna ook te noemen: Fidinda,
verder is als belanghebbende aangemerkt:
[moeder],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: de moeder.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • een brief van Fidinda, ter griffie ingekomen op 25 juni 2024;
  • de brief van de griffier aan Fidinda, verstuurd op 2 juli 2024;
  • de reactie van Fidinda, ter griffie ingekomen op 29 juli 2024;
  • een aanvullende reactie van Fidinda, ter griffie ingekomen op 11 februari 2025;
  • een e-mail van Fidinda, ter griffie ingekomen op 24 maart 2025;
  • een bereidverklaring van Saillant B.V., ter griffie ingekomen op 11 juli 2025.

verloop

Bij beschikking van 15 juni 2021 is op verzoek van Veilig Thuis betrokkene onder curatele gesteld wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand. Het staat vast dat er bij betrokkene sprake is van een geestelijke of lichamelijke toestand waardoor hij niet in staat is om zijn belangen zelfstandig te behartigen. Betrokkene kampt namelijk met een licht verstandelijke beperking en is bekend met een (ernstige) stoornis in het autistisch spectrum. Zijn ontwikkelingsniveau ligt tussen de drie en zes jaar.
Curatele werd noodzakelijk geacht omdat betrokkene zijn ontwikkeling werd bedreigd en er grote zorgen waren over de situatie rondom de moeder en betrokkene. Zo was er geen zicht op de veiligheid van betrokkene door een professioneel netwerk. De communicatie met zorgverlening en derden werd door moeder afgehouden. Er was geen externe zorg en begeleiding betrokken en betrokkene was sinds oktober 2019 afwezig op de dagbesteding van Odion. De moeder van betrokkene gaf aan dat de oorzaak van betrokkene zijn afwezigheid op de dagbesteding was gelegen in buikpijn bij betrokkene. De huisarts heeft echter geen verklaring gevonden voor de buikpijn.
Sinds het instellen van de curatele is Fidinda curator van betrokkene. Bij brief van 25 juni 2024 heeft Fidinda aangegeven dat zij nauwelijks of geen werkzaamheden verrichten aangezien het contact over de invulling van zorg zeer moeizaam verloopt. Contact met betrokkene is niet mogelijk en het minimale contact dat er is, loopt via moeder. Betrokkene heeft nog steeds geen dagbesteding of ambulante begeleiding. Fidinda heeft bij deze brief verzocht om een mondelinge behandeling en vraagt zicht af of bewind passender is aangezien er geen werkzaamheden verricht kunnen worden ten aanzien van de niet-vermogensrechtelijke belangen van betrokkene.
Naar aanleiding van deze brief heeft de griffier namens de kantonrechter verzocht om aanvullende informatie.
Fidinda heeft bij brief van 29 juli 2024 verzocht om uitstel omdat moeder recentelijk had ingestemd met het opstarten van ambulante begeleiding en dagbesteding voor betrokkene.
Bij brief van 11 februari 2025 is echter gebleken dat er nog steeds geen verbetering is in de situatie omtrent betrokkene.
Gelet op het verloop van de curatele is een mondeling behandeling gepland op 6 mei 2025. Voor deze mondeling zijn Fidinda, betrokkene en de moeder opgeroepen. Alleen Fidinda is verschenen. Van de moeder en/of betrokkene is geen bericht ontvangen.
Fidinda gaf aan dat zij op dat moment bezig was met het opstarten van ambulante begeleiding voor betrokkene. Verder gaf Fidinda tijdens de mondelinge behandeling aan dat dit waarschijnlijk snel opgestart kon worden.
Partijen zijn daarom opgeroepen voor een nieuwe mondelinge behandeling op 1 juli 2025. Betrokkene en de moeder zijn voor deze mondelinge behandeling aangetekend opgeroepen. Ook tijdens deze nieuwe mondelinge behandeling zijn betrokkene en/ of de moeder niet verschenen. Er is van hen geen bericht ontvangen. Fidinda is wel verschenen.

beoordeling

In haar brief van 25 juni 2024 vraagt Fidinda zich af of het instellen van een bewind niet passender is. Fidinda is tijdens de mondelinge behandeling gewezen op het feit dat de kantonrechter van oordeel is dat de curatele niet kan worden opgeheven. Redengevend daartoe is dat geen feiten of omstandigheden zijn aangevoerd waaruit blijkt dat de curatele niet langer noodzakelijk is en de kantonrechter dit ook uit eigen waarneming niet heeft kunnen vaststellen. Integendeel, de kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier, waaronder de door Fidinda ingediende verslagen over het verloop van de curatele, en gelet op hetgeen tijdens de mondelinge behandeling naar voren is gebracht, er op dit moment meer zorgen bestaan over de situatie omtrent betrokkene dan ten tijde van het instellen van de curatele. Niemand lijkt zicht te hebben op de situatie. De huisarts heeft bij Fidinda aangegeven al in jaren geen contact te hebben gehad met betrokkene en er is op dit moment nog steeds geen sprake van externe hulp of begeleiding bij betrokkene. Betrokkene staat thans ook niet meer ingeschreven op een wachtlijst voor een woonvorm, hetgeen ten tijde van het instellen van de curatele nog wel het geval was. Het is Fidinda de afgelopen jaren niet gelukt om de situatie te verbeteren en zij lijken geen grip te krijgen op de situatie. Ook lukt het Fidinda niet om contact te onderhouden met betrokkene dan wel de moeder. Dit betekent dat er op de moeder na helemaal niemand betrokken is, terwijl de redenen voor het instellen van een curatele onder andere gelegen was in de zorgen rondom de situatie van betrokkene en de moeder, en de zorgen over het afwezig zijn van derden die zorg en ondersteuning bieden.
De situatie is zorgelijk omdat uit de stukken in het dossier kan worden afgeleid dat de moeder psychisch belast is en dat haar gesteldheid niet (altijd) stabiel lijkt. Zo heeft zij in het verleden verklaard dat zij behekst is met zwarte magie en dat zij gestalkt wordt door iemand. Dit was volgens moeder ook de reden dat betrokkene buikpijn had en daardoor niet meer naar dagbesteding kon. De moeder heeft in het verleden ondersteuning ontvangen van de prinsenstichting en POH Indigo. Toen de begeleider van moeder op de hoogte raakte van het onderzoek door Veilig Thuis zijn er vanuit de begeleiders van moeder ook meer zorgen geuit over de situatie rondom de moeder en zoon.
Indien Fidinda bedoelt met haar brief van 25 juni 2024 dat zij curatele niet meer zinvol acht, dan overweegt de kantonrechter als volgt. Curatele is de meest vergaande beschermingsmaatregel en in onderhavig geval heeft betrokkene de meest vergaande bescherming nodig, zodat de veiligheid en de ontwikkeling van betrokkene zo goed mogelijk kan worden gewaarborgd. Curatele kenmerkt zich doordat een curator -indien nodig- zonder medewerking van betrokkene of andere belanghebbende op alle vlakken beschermende maatregelen kan treffen en passende zorg kan regelen. In onderhavig geval is de kantonrechter van oordeel dat Fidinda niet in alle opzichten daadkrachtig is geweest, terwijl de situatie van betrokkene wel vraagt om daadkrachtig optreden. Immers, het geen zicht hebben op de zorg en de belangen van betrokkene, alsmede het afhouden van contact door moeder met instanties, is de aanleiding geweest voor de ondercuratelestelling.
Fidinda heeft aangegeven niet te willen ingrijpen om de relatie tussen de moeder en betrokkene niet te verstoren en geen gronden te zien voor het aanvragen van een zorgmachtiging of een rechterlijke machtiging. Betrokkene is echter een jonge man waarbij, door geheel in afzondering te leven met zijn moeder, zijn ontwikkeling mogelijk verstoord is of kan worden, en waarbij, zonder dat dit voor de buitenwereld zichtbaar is, sprake kan zijn van ernstige verwaarlozing of teloorgang. Door mogelijkheden niet verder te onderzoeken en door niet daadkrachtig op te treden doen zij betrokkene tekort.
De kantonrechter ziet dan ook aanleiding om Fidinda ambtshalve te ontslaan wegens gewichtige redenen en een nieuwe curator te benoemen. De kantonrechter heeft Saillant B.V. gevestigd te Alkmaar bereid gevonden om tot curator te worden benoemd.
De kantonrechter zal de beloning van Saillant B.V. voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 1.187,00 (exclusief btw) en de beloning van Fidinda CBM BV voor het opmaken van de eindrekening en verantwoording vast op een bedrag van € 248,00.

beslissing

De kantonrechter:
  • ontslaat, met ingang van twee weken na heden, als curator: Fidinda CBM BV;
  • benoemt, met ingang van twee weken na heden, tot curator: Saillant B.V., Kvkno. 59639458, Postbus 3049, 1801GA Alkmaar;
  • verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
  • stelt de jaarbeloning van de curator vast overeenkomstig artikel 2 lid 2 sub a van Pro de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
  • stelt de beloning van de curator voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 1.187,00 (exclusief btw);
  • stelt de beloning van de ontslagen curator voor het opmaken van de eindrekening en verantwoording vast op een bedrag van € 248,00 (exclusief btw).
Deze beschikking is gegeven door mr. M.T. Goossens, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter