Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 februari 2026 in de zaken tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zaanstad
Samenvatting
.Eiseres krijgt dus geen gelijk en de beroepen zijn dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Procesverloop
Totstandkoming van de bestreden besluiten
HAA 25/1869
- Op 23 december 2023 is verzocht om alle documenten omtrent de splitsing van de kadastrale percelen [nummer 4] en [nummer 3] ;
- Op 24 december 2023 is verzocht om alle correspondentie tussen de burgemeester en de bedrijven aan de huidige [adres] in de jaren 1999-2000;
- Op 25 december 2023 is verzocht om alle documenten over de ontwikkelingen van het bedrijf [bedrijf 1] BV in de jaren 2021-2023;
- Op 27 december 2023 is verzocht om alle documenten die betrekking hebben op het onttrekken van de Zaanderhorn uit de openbaarheid;
- Op 29 december 2023 is verzocht om alle documenten aangaande de aanleg van wegen en uitgevoerde wegreparaties op kadastraal perceel [nummer 3] ;
- Op 7 januari 2024 is verzocht om alle documenten aangaande de ontwikkeling van de in het verzoek aangegeven locatie in de periode van 21 december 2023 tot en met 7 juli 2024;
- Op 22 februari 2024 is verzocht om alle correspondentie gevoerd door de heer [achternaam 1] met betrekking tot het Balkenhaventerrein, de nieuwe zeehaven en alle gerelateerde projecten op de in het verzoek aangegeven locatie in de periode van 1 januari 2023 tot en met 22 februari 2024.
HAA 25/1875
Gronden van beroep
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
mr.E. Boon, griffier.