ECLI:NL:RBNHO:2026:2470
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij beëindiging maatschappelijke opvang
Eiser maakte bezwaar tegen de beëindiging van zijn maatschappelijke opvang per 29 maart 2024. Het college verklaarde het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en voerde aan dat er wel procesbelang is vanwege mogelijke schadevergoeding op grond van schending van artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat procesbelang alleen aanwezig is als het resultaat van het beroep feitelijk betekenis heeft voor de indiener. Omdat eiser inmiddels over een eigen sociale huurwoning beschikt en opvang is aangeboden, ontbreekt dit belang. Daarnaast is het onaannemelijk dat eiser schade heeft geleden, omdat geen bewijs is geleverd en een schending van een fundamenteel recht niet automatisch leidt tot schadevergoeding.
De rechtbank verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk. De uitspraak is gedaan door rechter M. Jurgens en griffier S.A. Zorge op 17 februari 2026. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.