Eisers hebben beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer heeft verleend voor de bouw van een nieuwbouwwoning. De rechtbank oordeelde in een tussenuitspraak dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat de nieuwbouwwoning geen onevenredige nadelige gevolgen zou hebben voor de bezonning op het perceel van eisers.
Het college kreeg via een bestuurlijke lus de gelegenheid om dit motiveringsgebrek te herstellen. Met een aanvullende bezonningstudie, uitgevoerd door de architect van vergunninghouder, toonde het college aan dat voldaan werd aan de 'lichte' TNO-norm van ten minste twee bezonningsuren per dag. Eisers voerden bezwaren aan tegen de studie, maar de rechtbank vond deze onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank concludeerde dat het motiveringsgebrek was hersteld en vernietigde het bestreden besluit, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven. Hierdoor beschikt vergunninghouder over een geldige omgevingsvergunning. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.