ECLI:NL:RBNHO:2026:3119
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom terrasafmetingen horecabedrijf
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen een last onder dwangsom die de burgemeester van Haarlem heeft opgelegd aan het horecabedrijf MarkD vanwege het te ruim inrichten van het terras aan de Damstraat 10.
Na constateringen door toezichthouders in december 2025 en januari 2026, en een zienswijze van het horecabedrijf, heeft de burgemeester op 13 februari 2026 de last opgelegd met een begunstigingstermijn tot 15 februari 2026. De last hield in dat het terras moest voldoen aan de Algemene regels terrassen 2023 en het terrasseninrichtingsplan, met een dwangsom bij overtreding.
Verzoeksters voerden onder meer aan dat de last aan de verkeerde persoon was opgelegd, dat het terrasseninrichtingsplan niet rechtsgeldig zou zijn, dat het terras vergunningvrij zou moeten zijn, dat het Horecasanctiebeleid een zienswijzegesprek voorschrijft en dat de begunstigingstermijn onredelijk kort was. De voorzieningenrechter oordeelde dat de last ondubbelzinnig aan de feitelijke exploitant was gericht, het terrasseninrichtingsplan rechtsgeldig is en voorrang heeft op de algemene regels, dat het terras vergunningplichtig is en dat handhaving gegrond is. Het ontbreken van een zienswijzegesprek was een gebrek, maar geen reden voor voorlopige voorziening omdat schriftelijke zienswijze mogelijk was. De begunstigingstermijn van twee dagen was voldoende.
De voorzieningenrechter wees het verzoek af, waardoor de last onder dwangsom blijft gelden en nageleefd moet worden. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen en de last moet worden nageleefd.