Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:3667

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
3 april 2026
Publicatiedatum
7 april 2026
Zaaknummer
11903617 CB VERZ 25-87 ZK
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:391 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Instelling van curatele wegens kwetsbaarheid voor financieel misbruik en cognitieve achteruitgang

De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland heeft op 3 april 2026 een beschikking gegeven tot ondercuratelestelling van betrokkene op verzoek van de officier van justitie. Betrokkene is kwetsbaar voor financieel misbruik en vertoont cognitieve achteruitgang, waardoor een minder verstrekkende maatregel onvoldoende bescherming biedt.

De procedure kende meerdere mondelinge behandelingen waarbij betrokkene deels aanwezig was. De provisioneel bewindvoerder rapporteerde dat betrokkene wekelijks over een relatief groot bedrag kan beschikken, dat hij geheel aan boodschappen besteedt, maar dit niet kan controleren. Er zijn aanwijzingen van onverklaarbare grote geldopnames en overboekingen naar een vriend, waarvan de terugbetaling onduidelijk is.

Betrokkene vertoont ook signalen van vervuiling in zijn woning en cognitieve achteruitgang, is warriger en kan zijn pincode niet onthouden. Hij ontkent de ernst van zijn situatie en wil zelf over zijn geld blijven beschikken. Gezien deze omstandigheden acht de kantonrechter curatele passend en noodzakelijk om betrokkene te beschermen.

De kantonrechter benoemt MeerVida B.V. tot curator en beëindigt het provisioneel bewind. De beschikking wordt ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister en kan binnen drie maanden met tussenkomst van een advocaat worden aangevochten bij het gerechtshof Amsterdam.

Uitkomst: Curatele wordt ingesteld wegens kwetsbaarheid voor financieel misbruik en cognitieve achteruitgang, met benoeming van een curator.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer : 11903617 CB VERZ 25-87 ZK
datum : 3 april 2026

beschikking op een verzoek tot ondercuratelestelling

op verzoek van:
officier van justitie in het arrondissement Noord-Holland,
gevestigd te 2003 RP Haarlem, postbus 601,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene],

geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum],
[adres],
hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • de tussenbeschikking van de kantonrechter van 17 oktober 2025, welke hier als ingelast en herhaald wordt beschouwd;
  • de brief van betrokkene, ontvangen op 14 november 2025;
  • de aanvullende stukken, ter zitting ingediend door de provisioneel bewindvoerder.
Bij beschikking van 17 oktober 2025 is MeerVida B.V. benoemd tot provisioneel bewindvoerder. Verder heeft de kantonrechter iedere beslissing aangehouden om betrokkene op een later tijdstip te horen.
Op 13 november 2025 vond een mondelinge behandeling van het verzoek plaats. Daarbij was de provisioneel bewindvoerder aanwezig. Betrokkene is zonder afbericht niet verschenen. Bij brief van 14 november 2025 heeft betrokkene aangegeven dat hij de zitting over het hoofd heeft gezien, waarna op zijn verzoek een nieuwe zitting is gepland. Op 15 december 2025 vond een tweede mondelinge behandeling plaats. Betrokkene was toen wel aanwezig, maar de provisioneel bewindvoerder niet. Een derde mondelinge behandeling vond plaats op 9 februari 2026. Daarbij waren zowel betrokkene als de provisioneel bewindvoerder aanwezig.

beoordeling

Verzoeker vraagt om het instellen van een curatele voor betrokkene.
Het verzoek is gebaseerd op de stelling dat betrokkene wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand tijdelijk of duurzaam zijn belangen niet behoorlijk waarneemt of zijn veiligheid of die van anderen in gevaar brengt en dat een voldoende behartiging van de belangen van betrokkene niet met een meer passende en minder verstrekkende voorziening kan worden bewerkstelligd.
De provisioneel bewindvoerder geeft aan dat betrokkene nu wekelijks over € 150,00 kan beschikken en dat hij meer geld kan aanvragen. Betrokkene pint het gehele bedrag en geeft dat naar eigen zeggen volledig uit aan boodschappen. Dit is niet te controleren voor de provisioneel bewindvoerder, maar het is een groot bedrag voor een eenpersoonshuishouding.
De provisioneel bewindvoerder geeft aan dat de vriend van betrokkene veel voor betrokkene doet en hem ook vaak rijdt. Zij vindt het met name van belang dat er geen grote bedragen uitgeleend of weggegeven worden zonder dat betrokkene dit overziet. Verder zal naar de woonsituatie van betrokkene gekeken moeten worden en naar zijn gezondheid. Betrokkene mist onder meer een behoorlijk aantal tanden.
Betrokkene vindt curatele niet nodig. Hij wil zelf over zijn geld beschikken, dat heeft hij zijn hele volwassen leven gedaan. Misschien moet hij wel een keer naar een tandarts. Hij wil net zo oud worden als zijn opa, die volgens hem nu 105 jaar oud is, en dan heeft hij zijn gebit nog wel even nodig.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting blijkt voldoende dat de noodzaak voor curatele aanwezig is en dat een voldoende behartiging van de belangen van betrokkene niet met een meer passende en minder verstrekkende voorziening kan worden bewerkstelligd. Dit blijkt naar het oordeel van de kantonrechter onder meer uit het volgende.
Op het moment dat het verzoek werd ingediend was Veilig Thuis betrokken bij betrokkene vanwege een vermoeden van financieel misbruik door derden. Uit de overgelegde gegevens is gebleken dat betrokkene met regelmaat grote sommen cash geld opneemt, waarvan hij vervolgens niet kan verklaren wat daarmee is gebeurd. Ook is gebleken dat er geld werd overboekt naar de bankrekening van een vriend. Vaststaat in ieder geval dat naar twee rekeningen van de vriend van betrokkene respectievelijk €4500,00, €2500,00 en €173,00 is overgemaakt. Hoewel betrokkene zegt dat dit een lening betreft, kan hij zich niet herinneren of de gelden ook zijn terugbetaald. Ook weet hij niet waarom zijn vriend het geld nodig heeft. Betrokkene heeft, zowel op de zitting van 15 december 2025 als op de zitting van 9 februari 2026 zijn pincode in grote cijfers op zijn pinpas geplakt staan, naar hij zelf meldt omdat hij de pincode niet kan onthouden. Betrokkene kan niet aan de kantonrechter uitleggen waaraan hij zijn geld wil uitgeven. Er zijn signalen ontvangen van vervuiling van de woning van betrokkene, waar ook muizen zouden rondlopen. Betrokkene erkent dat de woning niet is opgeruimd, maar ontkent dat er sprake is van muizen en meldt dat er veel is dat de kantonrechter niet zal begrijpen, maar dat dit te maken heeft met zwarte magie. Betrokkene lijkt de provisioneel bewindvoerder buiten de deur te willen houden. Het is de kantonrechter opgevallen dat betrokkene in februari 2026, ten opzichte van de eerdere mondelinge behandeling in december 2025, cognitief achteruit gegaan is. Hij is duidelijk warriger. Betrokkene geeft aan dat hij zelf nog auto rijdt, wat de kantonrechter zorgen baart.
Gelet op het voorgaande acht de kantonrechter het instellen van een curatele passend en noodzakelijk.
De kantonrechter zal curatele instellen en de voorgestelde curator benoemen, nu daartegen geen bezwaar is.

beslissing

De kantonrechter:
  • stelt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking curatele in ten behoeve van betrokkene
  • benoemt met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking tot curator:
  • verstaat dat het provisioneel bewind met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking is beëindigd;
  • deelt mee dat deze beschikking binnen tien dagen na de datum van verzending van deze beschikking door de griffier wordt bekendgemaakt in de Staatscourant;
  • bepaalt dat de curator voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met de curatele gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven ten laste van het vermogen van de betrokkene mag brengen;
  • deelt mee dat deze beschikking zal worden ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van Pro het Burgerlijk Wetboek.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.T. Goossens, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken.
Tegen deze beschikking kan – uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.