De Stichting Natuurbeschermingswacht heeft het college van burgemeester en wethouders van Drechterland verzocht handhavend op te treden tegen [derde-partij] vanwege vermeende strijdigheden met het bestemmingsplan en de Omgevingsverordening NH2022. Het college wees het verzoek deels af en verklaarde het bezwaar van de stichting ontvankelijk. De stichting stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelt dat de stichting niet als belanghebbende kan worden aangemerkt omdat zij geen feitelijke werkzaamheden heeft verricht die rechtstreeks verband houden met het bestreden besluit. Het enkel indienen van een handhavingsverzoek en bezwaar is onvoldoende om als feitelijke werkzaamheden te gelden. De statutaire doelstelling van de stichting richt zich op natuurbescherming, maar de activiteiten van [derde-partij] betreffen aannemingswerkzaamheden die niet duidelijk een natuurbelang raken.
Daarom is het bezwaar van de stichting ten onrechte ontvankelijk verklaard en wordt het bestreden besluit vernietigd voor zover het bezwaar ontvankelijk werd verklaard. Het bezwaar wordt alsnog niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep wordt gegrond verklaard en het griffierecht wordt aan de stichting vergoed. De rechtbank beoordeelt het beroep inhoudelijk niet.