Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 mei 2026 in de zaak tussen
Stichting Flora & Faunabescherming, uit Weesp, eiseres (hierna: SFF)
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam
De Alliantie ontwikkeling B.V., uit Hilversum (hierna: de Alliantie) en
A.M. B.V.uit Utrecht (hierna A.M.)
GEM Bloemendalerpolder C.V.uit Amsterdam hierna: de projectontwikkelaar
Samenvatting
Procesverloop
- afwijken van de regel in het bestemmingsplan dat het maximaal aantal woningen 1550 mag bedragen (artikel 14.2.1. onder a, van de planregels van het bestemmingsplan “Bloemendalerpolder Weesp”, onderdeel van het “Omgevingsplan Amsterdam”);
- afwijken van de planregel in het bestemmingsplan “Bloemendalerpolder Weesp” waaruit volgt dat op gronden bestemd voor “Waarde-archeologie 7” geen gebouwen mogen worden gebouwd (met uitzondering van bouwwerken met een oppervlakte van maximaal 1000m² en waarbij de grondwerkzaamheden niet dieper reiken dan 4 meter ten opzichte van het oorspronkelijke maaiveld);
- afwijken van planregel 14.2.5 van het bestemmingsplan “Bloemendalerpolder Weesp” die inhoudt dat tussen de perceelsgrenzen ter plaatse van de “specifieke bouwaanduiding laan” een laan dient te worden gerealiseerd van tenminste 60 meter tussen de perceelsgrenzen van de woningen.
Beoordeling door de rechtbank
“het behouden en verbeteren van de natuur, de leefomgeving, het milieu en de landschappelijke en cultuurhistorische waarden in onder meer en met name Amsterdam Amstelland, gemeente Wijdemeren, gemeente Gooimeren, gemeente Weesp [3] en omstreken in het algemeen en de bescherming van de flora en fauna in vermelde gebieden en haar omgeving in het bijzonder en het verrichten van al hetgeen met het vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.”
de bescherming van in het wild levende dieren en beschermde flora en fauna.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 2 mei 2025 op de bezwaren van SFF;
- voorziet zelf in de zaak en verklaart SFF niet-ontvankelijk in haar bezwaren gericht tegen de besluiten van 12 november 2024 en 21 november 2024;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit van 2 mei 2025;
- bepaalt dat het college het door SFF betaalde griffierecht van € 385,- aan SFF vergoedt.