Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- de betekende dagvaarding van [eiser] van 7 mei 2026 met 7 producties;
- de nadere stukken van VandN van 20 mei 2026 met 13 producties;
- de mondelinge behandeling van 21 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt en waar door de gemachtigde van [eiser] spreekaantekeningen zijn overgelegd;
- de nadere stukken van VandN van 26 mei 2026 en de reactie van de rechter dat ze deze stukken/bewijsvoering buiten beschouwing zal laten.
2.De feiten
compliance, transparency, and shareholder rights.’ Op 9 september 2025 heeft [betrokkene 1] (de grootaandeelhouder) hierop gereageerd richting [betrokkene 2] en [eiser], waarbij zij schrijft, voor zover relevant:
3.Het geschil
compliance issues’ en mogelijke ‘
illegal employment risks’.