Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van 7 januari 2026 in de zaak tussen
[verzoekster] en [verzoeker] , uit [plaats] , verzoekers
de burgemeester van de gemeente Haarlem, de burgemeester
Als derde-partij neemt aan de zaak deel: Ymere, uit Haarlem, (de verhuurder)
Samenvatting
Procesverloop
Totstandkoming van het besluit
In de overige opslagruimte op de eerste verdieping heeft de politie verpakkingsmateriaal gevonden, waar restanten hennep in zaten. Ook zijn er sorteerbakken aangetroffen, waarop prijzen en soort stonden vermeld. Tevens zijn er twee digitale weegschalen aangetroffen. Alle verdovende middelen en relevante producten zijn in beslaggenomen.
Door de gehele woning zijn goederen aangetroffen die kunnen worden gekoppeld aan de productie van joints, bijvoorbeeld lege tabaksemmers en verpakkingen met hennepresten. Uit de aangetroffen administratie is gebleken dat verzoeker [verzoeker] al sinds 2019 hasj/hennep verkoopt en bezorgt.
De middelen zijn middels een voorlopige indicatieve test onderzocht. Hieruit kwam het volgende naar voren:
- Hennepgruis met een totaalgewicht van circa 2400 gram;
- Hasj (in blokken) met een totaal gewicht van circa 3750 gram;
- 1578 stuks voorgedraaide joints;
- Henneptoppen met een totaalgewicht van circa 64 gram;
- 24.500 stuks lege joints filters (cones);
- 122 stuks gripzakjes met een totaalgewicht van 550 gram hasj/wiet (mengsel);
- 65 stuks gripzakjes met totaalgewicht van circa 400 gram hasj;
- circa 200/300 lege tabaksemmers van 1 kg / € 482,- per stuk (niet in beslaggenomen).
Verzoeker [verzoeker] heeft verklaard dat de zolderruimte door hem gebruikt wordt.
De politie concludeert dat op 5 juni 2025 in de woning een (grote) handelshoeveelheid softdrugs aanwezig was en daarin (zeer) waarschijnlijk werd gehandeld. Op 18 juni 2025 is onderzoek gedaan naar bezit en handel in verdovende middelen. Hieruit is gebleken dat er mogelijk een druggerelateerde concurrentiepositie is en dat dit mogelijk veiligheidsrisico’s met zich mee kan brengen.
Op de entree van de zolderverdieping trof de politie 4 emmers aan die gevuld waren met voorgedraaide joints. In de kamers van de zolderverdieping zijn diverse losse joints aangetroffen en een mengsel van hennep en tabak. Ook zag de politie diverse lege cones en conefillers/vulmachines. Deze worden gebruikt voor grootschalige productie. Ook zijn er op de zoldervloer veel restanten gevonden van tabak, hennep en/of hasj. Ook is op zolder een digitale weegschaal aangetroffen.
Verder zijn er op de zolderverdieping materialen aangetroffen die ter voorbereiding dienen van een hennepkwekerij.
Op de slaapkamer van verzoekster [verzoekster] zijn ook voorgedraaide joints gevonden. In de opslagkamer zijn door de speurhond enkele joints en stukjes hasj aangetroffen. Op de begane verdieping zag de politie een digitale weegschaal op tafel staan. De politie zag verzoekster [verzoekster] lopen met een emmer onder haar arm. Hier bleken voorgedraaide joints in te zitten. Hierover verklaarde zij dat dat haar eigen rokertjes waren.
Door de gehele woning werden goederen aangetroffen die kunnen worden gekoppeld aan de productie van joints. De politie kan concluderen dat er in de gehele woning diverse verdovende middelen zijn aangetroffen in verschillende hoeveelheden. Veel hiervan lagen in het zicht en waren vrij toegankelijk. Mede door de eerdere inbeslagname op 5 juni 2025 is het vrij aannemelijk dat alle ingeschreven personen kennis hadden van de verdovende middelen en strafbare zaken. Er zijn verder ook vier wapens (machete, kruisboog, survival mes en vilmes) aangetroffen, waarvan van één het bezit strafbaar is op grond van de Wet wapens en munitie.
De middelen zijn in beslag genomen gewogen en onderzocht. Hieruit is het volgende naar voren gekomen:
- mengsel tabak/hennep/hasj van circa 2100 gram;
- 3536 stuks voorgedraaide joints circa 3610 gram;
- hasj circa 60 gram, verdeeld in gripzakjes;
- circa 200/300 lege tabaksemmers à 1 kg/€482,- per stuk. Deze emmers geven een indicatie weer hoeveel tabak er is verbruikt bij het produceren van die joints;
- diverse ongebruikte sluitzakken naast de bank in de woonkamer. Enkele van deze sluitzakken zijn in de woning aangetroffen met verdovende middelen erin.
Verzoeker [verzoeker] heeft verklaard dat de zolderverdieping door hem gebruikt wordt, dat hij de joints produceert voor coffeeshops en dat hij zich verder beroept op zijn zwijgrecht.
De politie concludeert dat op 5 juni 2025 en 25 september 2025 in de woning een (grote) handelshoeveelheid softdrugs aanwezig was en daarin (zeer) waarschijnlijk werd gehandeld.
Verder wijst de rapporteur op verschillende meldingen van drugsgerelateerde overlast vanaf 1 januari 2023 tot 10 mei 2025 in de directe omgeving van de woning, op van de wijkagent verkregen informatie met betrekking tot de buurt en de ambtshalve bekende informatie over het noordelijke gedeelte van de Indische wijk.
- Volgens de burgemeester mogen de bevindingen van de politie aan de besluitvorming ten grondslag worden gelegd. Het bewijs is, mede gelet op de wijze van binnentreden, niet verkregen op een wijze die zozeer indruist tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht, dat dit niet mag worden gebruikt.
- De burgemeester acht zich gelet op de bevindingen van de politie zowel gelet op artikel 13b, eerste lid onder a als onder b, van de Opiumwet bevoegd om tot sluiting van de woning over te gaan. Er is (tot twee keer toe) ruimschoots meer dan 5 gram softdrugs aangetroffen en voorwerpen die zijn bestemd voor het telen van hennep als bedoeld in artikel 11a van de Opiumwet.
- Volgens de burgemeester heeft hij ook redelijkerwijs over mogen gaan tot sluiting van de woning. De sluiting is volgens de burgemeester evenredig.
Het is een geschikte maatregel om de doelen te bereiken. Met het sluiten van de woning wordt een onveilige situatie opgeheven. Ook wordt een zichtbaar signaal afgegeven. Met het enkele tijdsverloop worden deze doelen niet, dan wel onvoldoende behaald.
De sluiting is ook noodzakelijk. Volgens de burgemeester kon niet met een minder ingrijpend middel worden volstaan. Reden hiervoor is – samengevat – de ernst en de omvang van de overtreding, alsmede de recidive en de ligging van de woning in een voor drugscriminaliteit kwetsbare wijk.
De sluiting acht de burgemeester ook evenwichtig. Hierbij heeft de burgemeester betrokken dat verzoekers een verwijt kan worden gemaakt. Dat de woning moet worden verlaten is op zichzelf geen bijzondere omstandigheid. Ook de omstandigheid dat de huurovereenkomst kan worden ontbonden waarna het lastiger zal zijn om een nieuwe (sociale) huurwoning te vinden, leidt de burgemeester niet tot een ander oordeel. Het verlies van de woning is het gevolg van eigen keuzes. De gevolgen hiervan konden worden voorzien. Verzoekers kunnen opkomen tegen de (buitengerechtelijke) ontbinding in de gerechtelijke procedure tot ontruiming. Van een bijzondere binding met de woning is niet gebleken. Verzoekster heeft geen nadere informatie verstrekt over haar gezondheid of financiële situatie die maken dat sprake is van een onevenredig besluit. De burgemeester licht toe dat verzoekers binnen hun eigen netwerk naar vervangende woonruimte kunnen zoeken, of kunnen zoeken naar tijdelijke woonruimte op een vakantiepark, via air bnb of booking.com. Tot slot kan contact opgenomen worden met de Brede Centrale Toegang, om de mogelijkheden voor tijdelijke huisvesting via de gemeente te onderzoeken. Verzoekers hebben (nog) niet aannemelijk gemaakt dat het onmogelijk is om zelf een tijdelijk onderkomen te organiseren.
Bezwaar en verzoek om voorlopige voorziening
De sluiting is ook niet noodzakelijk. Er waren minder ingrijpende alternatieven beschikbaar, zoals een waarschuwing of een last onder dwangsom. Er is geen toeloop of handel vastgesteld, er zijn geen overlastmeldingen, de situatie is feitelijk beëindigd en verzoekers zijn bereid om mee te werken aan toezicht en voorwaarden. De sluiting is ook niet evenwichtig. Er is sprake van onevenredige gevolgen. Verzoekers wijzen op de in de zienswijze genoemde omstandigheden en op jurisprudentie waarin de persoonlijke omstandigheden zwaarder wogen dan de belangen tot sluiting [1] .
Desondanks tot woningsluiting overgaan maakt volgens verzoekers dat sprake is van misbruik van bevoegdheden.
Beoordeling van de voorzieningenrechter
Gebruikmaking van de bevoegdheid
De evenredigheidsbeoordeling bestaat uit een beoordeling van geschiktheid, noodzaak en evenwichtigheid van het besluit.
De ter zitting door verzoekster afgelegde verklaring dat verzoeker [verzoeker] door haar (direct op 5 juni 2025) uit de woning is gezet leidt vooralsnog, wat hier verder ook van zij, niet tot een ander oordeel. Verzoekster blijft ook in het geval van vertrek van haar zoon verantwoordelijk voor wat zich in haar woning afspeelt. Vast staat vervolgens dat op 25 september 2025 (opnieuw) grote hoeveelheden softdrugs en attributen die verband houden met handel zijn aangetroffen. Dit duidt op het wederom starten van, dan wel voortzetten van de eerder op 5 juni 2025 geconstateerde situatie. Dat, zoals verzoekster [verzoekster] stelt, de politie op 5 juni 2025 een en ander aan goederen, waaronder de aangetroffen voorgedraaide joints, ter plaatse zou hebben achtergelaten acht de voorzieningenrechter volstrekt onaannemelijk. Hierbij heeft gemachtigde van de burgemeester er ter zitting terecht op gewezen dat tijdens de tweede huiszoeking meer voorgedraaide joints zijn aangetroffen dan tijdens de eerste.
Evenwichtigheid
Conclusie en gevolgen
Beslissing