ECLI:NL:RBNNE:2013:5662
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- P. Molema
- M.W. de Jonge
- M.S. Schothorst
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van wrakingsverzoek na beëindiging procedure
Verzoeker diende op 26 augustus 2013 een wrakingsverzoek in tegen rechters in twee procedures en tegen rechters die eerdere wrakingsverzoeken hadden afgewezen. De rechtbank oordeelde dat het eerste wrakingsverzoek niet-ontvankelijk was omdat verzoeker geen namen van de rechters noemde en geen gronden voor wraking gaf. Het tweede wrakingsverzoek was eveneens niet-ontvankelijk omdat het pas na het wijzen van een einduitspraak werd ingediend, waardoor wraking niet meer mogelijk was.
De rechtbank benadrukte dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn en dat wraking alleen mogelijk is bij zwaarwegende aanwijzingen van vooringenomenheid of objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Verzoeker wilde worden gehoord, maar de rechtbank zag geen meerwaarde in een zitting vanwege de formele niet-ontvankelijkheid.
De rechtbank besloot het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk te verklaren, de lopende procedures voort te zetten in de stand van vóór het wrakingsverzoek en de beslissing onverwijld aan verzoeker en betrokken rechters mede te delen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat het na beëindiging van de procedures is ingediend en zonder voldoende gronden.