De huurder verhuurde sinds 2001 een flatwoning aan de gedaagde. Vanaf de komst van haar vriend in 2010 ontstond er ernstige overlast, waaronder geluidsoverlast, agressief gedrag, stank en hondenoverlast. De verhuurder ontving meerdere klachten van omwonenden en constateerde ook politie-interventies.
Ondanks gesprekken, huisbezoeken en waarschuwingen bleef de overlast aanhouden. De gedaagde ontkende de overlast en stelde dat zij en haar vriend het slachtoffer waren van een hetze. De rechtbank oordeelde echter dat de overlast voldoende was onderbouwd en dat de gedaagde tekort was geschoten in haar verplichtingen uit de huurovereenkomst.
De rechtbank besloot de huurovereenkomst te ontbinden en veroordeelde de gedaagde tot ontruiming van de woning binnen 14 dagen na betekening van het vonnis. Tevens werd zij veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.