Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[verweerder A],
1.Het procesverloop
2.De standpunten van partijen en de beoordeling daarvan
3.De beslissing
fn: 505)
Rechtbank Noord-Nederland
De man verzocht de rechtbank om zijn onderhoudsbijdrage aan zijn ex-partner en jongmeerderjarige kinderen per 1 januari 2012 op nihil te stellen. De vrouw verzocht om verhoging van haar onderhoudsbijdrage. De jongmeerderjarige verweerde zich tegen het verzoek van de man.
De rechtbank oordeelde dat de man niet verwijtbaar zijn inkomen had verloren, maar dat het inkomensverlies niet voor herstel vatbaar was vanwege zijn gezondheid en de omstandigheden. De man had voldoende inspanningen verricht om nieuw werk te vinden, maar zonder succes. De rechtbank stelde vast dat het inkomen van de man nagenoeg nihil was en dat het niet redelijk was om hem te verplichten onderhoud te betalen als zijn inkomen onder 90% van de bijstandsnorm zou dalen.
De rechtbank besloot daarom de onderhoudsbijdragen van de man aan zijn ex-partner en kinderen met ingang van 1 februari 2013 op nihil te stellen. Het zelfstandige verzoek van de vrouw tot verhoging werd afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten.
Uitkomst: De onderhoudsbijdrage van de man aan zijn ex-partner en kinderen wordt per 1 februari 2013 op nihil gesteld wegens niet-verwijtbaar en niet voor herstel vatbaar inkomensverlies.