ECLI:NL:RBNNE:2013:BZ2157
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlaging en verhoging bankgarantie in voorlopige voorziening
In deze zaak vorderen Romi Smilfood B.V. en Smilde Foods B.V. (Romi en Smilde) bij voorlopige voorziening dat Sodeic SPRL wordt veroordeeld mee te werken aan verlaging van een bankgarantie die door Rabobank is afgegeven ten behoeve van Romi en Smilde. De bankgarantie was gesteld naar aanleiding van conservatoir beslag dat Sodeic had gelegd ter hoogte van €460.482,-. Romi en Smilde betogen dat de vordering van Sodeic is verminderd en dat de bankgarantie daarom verlaagd moet worden.
Sodeic voert verweer en vordert in reconventie juist een verhoging van de bankgarantie met €140.925,-, omdat de hoofdsom van haar vorderingen hoger is dan de gestelde zekerheid. Sodeic stelt dat Romi en Smilde onvoldoende zekerheid hebben gesteld en dat hun verzoek tot verlaging niet spoedeisend is.
De rechtbank overweegt dat verlaging van een bankgarantie niet kan worden gevorderd op grond van artikel 705 lid 2 Rv Pro zonder dat partijen hierover afspraken hebben gemaakt in de overeenkomst. Ook een verhoging van de bankgarantie kan niet worden gevorderd zonder overeenkomst. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat het onaanvaardbaar is dat Sodeic vasthoudt aan de bankgarantie zoals gesteld.
Daarom wijst de rechtbank zowel het verzoek van Romi en Smilde tot verlaging als het verzoek van Sodeic tot verhoging van de bankgarantie af. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De zaak wordt op 6 maart 2013 voortgezet voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot verlaging en verhoging van de bankgarantie af en compenseert de proceskosten.