ECLI:NL:RBNNE:2015:1759
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Terugvordering persoonsgebonden budget wegens niet-verantwoorde besteding
De zaak betreft een vordering van het Zorgkantoor tot terugvordering van een persoonsgebonden budget (PGB) dat aan de budgethouder is toegekend voor zorgkosten. De budgethouder heeft nagelaten om binnen de gestelde termijn verantwoording af te leggen over de besteding van het ontvangen budget.
Het Zorgkantoor heeft op grond hiervan het PGB met terugwerkende kracht beëindigd en de terugvordering van het onverschuldigd betaalde bedrag gelast. De budgethouder heeft geen bezwaar gemaakt tegen deze beschikking en heeft ook geen betalingen verricht ondanks meerdere sommaties.
De rechtbank oordeelt dat de beschikking formele rechtskracht heeft en dat geen uitzonderingen op dit beginsel van toepassing zijn. De budgethouder is gehouden tot terugbetaling van het bedrag van € 18.838,27, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten. De moeder, als wettelijk vertegenwoordiger, kan eventueel zelf aansprakelijk worden gesteld, maar dit staat los van de vordering jegens de budgethouder.
De vordering wordt toegewezen en de budgethouder wordt veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag en de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De budgethouder is veroordeeld tot terugbetaling van het PGB van € 18.838,27, vermeerderd met rente en incassokosten.