ECLI:NL:RBNNE:2015:4948
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting café wegens aantreffen harddrugs
Verzoeker exploiteert sinds februari 2014 een café te Groningen. Na politie-observaties en een inval op 10 oktober 2015 werden bij bezoekers handelshoeveelheden harddrugs aangetroffen, waaronder cocaïne en heroïne. Op grond hiervan legde de burgemeester een last onder bestuursdwang op tot sluiting van het café voor drie maanden.
Verzoeker maakte bezwaar tegen deze sluiting en verzocht om een voorlopige voorziening om de sluiting te schorsen. Hij stelde onder meer dat hij onvoldoende gelegenheid had gekregen om te reageren, dat de termijn voor sluiting onredelijk kort was, en dat de sluiting ook zijn woonrecht aantastte omdat de bovenwoning niet afzonderlijk afgesloten kon worden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de spoedeisendheid van de situatie toepassing van artikel 4:8 Awb Pro verhinderde, maar dat verzoeker wel telefonisch een zienswijze kon geven. De sluiting was gebaseerd op een redelijke beleidsuitgangspunt en de aanwezigheid van handelshoeveelheden harddrugs rechtvaardigde de maatregel. De financiële belangen en woonrecht van verzoeker wogen niet zwaarder dan het belang van handhaving van de openbare orde. De voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot schorsing van de sluiting van het café wordt afgewezen.