Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 10 juni 2015;
- het proces-verbaal van comparitie van 21 oktober 2015 en in reactie daarop de brief van
2.De feiten
3.De vordering en het verweer
4.De beoordeling
‘Dat partijen van
‘Dat partijen van mening zijn dat het te realiseren woningbouwprogramma voldoende flexibiliteit moet bevatten om te kunnen inspelen op marktontwikkelingen (…);
‘Partijen streven er naar om realisatie van Delftlanden-I in één opvolgende en onafgebroken bouwstroom te doen plaatsvinden (…)’
‘In verband met de financieel-economische haalbaarheid, een sluitend resultaat op de exploitatie, mogelijk veranderde marktomstandigheden en planologische uitvoerbaarheid is de realisatie van Delftlanden-I opgesplitst (..).’
‘Indien de omstandigheden zoals genoemd in artikel 6 lid 2 daartoe Pro aanleiding geven treden partijen in overleg over een aanpassing van de Faseringsleidraad.’
6.422,00(2,0 punten × tarief € 3.211,00)