Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[voornaam] [gedaagde 1] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 13 november 2015;
- de conclusie van antwoord van 20 januari 2016;
- de conclusie van repliek 4 mei 2016;
- de conclusie van dupliek van 15 juni 2016;
2.De feiten
OVCG, inv. nr. 2220, OD-verslagen, Rapport Zijlema.
Aanvulling en rectificatie Het Scholtenhuis 1940-1945, Deel 1, Daden (Bedum 2009)opgenomen (hierna: de Aanvulling). In de tekst wordt vermeld:
3.Het geschil
4.De beoordeling
Bij deze passage ontbreekt een noot. De passage is gebaseerd op de herhaalde mondelinge getuigenissen van verzetsman [verzetsman] , die destijds als POD/PRA-medewerker onder andere Lehnhoff en Kaper over deze zaak heeft verhoord en met wie de auteur in de jaren 2000-2007 regelmatig sprak over zijn jaren bij de POD/PRA. Daarnaast refereren de Od’ers [Od' er 1] en [Od' er 2] in de BS-verslagen (OVCG, toegang 2220, resp. blz. 205 en 373) aan het feit dat Schreuders arrestatie tot nieuwe arrestaties leidde en Wiersema ook opmerkt dat [eiseres] op het Scholtenhuis zaken zou hebben opgeschreven. Het bestuur OVCG en de auteur erkennen dat op grond van deze bronnen echter niet vast te stellen is dat er door [eiseres] tijdens de verhoren een lijst met complete informatie van de NBS is aangegeven en dat de zin met betrekking tot [eiseres] dus zo niet had moeten worden geformuleerd.