ECLI:NL:RBNNE:2016:4559

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
5 juli 2016
Publicatiedatum
14 oktober 2016
Zaaknummer
4514881 CV EXPL 15-13785
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:681 BWArt. 23 RvArt. 32 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aanvullend vonnis over bruto-aard van toegewezen schadevergoeding

In deze zaak heeft de kantonrechter op 24 mei 2016 een schadevergoeding van €15.000 toegekend aan eiseres ten laste van De Stichting. De gemachtigde van De Stichting verzocht vervolgens om aanvulling van het vonnis met de expliciete vermelding dat het bedrag bruto is, omdat dit niet duidelijk in het oorspronkelijke vonnis was opgenomen.

Eiseres stemde niet in met deze aanvulling, stellende dat er geen sprake was van een verzuim om hierover te beslissen. De kantonrechter stelde echter vast dat de schadevergoeding was berekend volgens de oude kantonrechtersformule, waarbij standaard een brutobedrag wordt bedoeld. Hierdoor werd geconcludeerd dat het vonnis op dit punt niet expliciet had beslist.

De kantonrechter besloot daarom het vonnis aan te vullen met de toevoeging dat het bedrag van €15.000 bruto is, en legde vast dat een afschrift van dit aanvullende vonnis aan het oorspronkelijke vonnis wordt gehecht. Tevens werd bepaald dat partijen een afschrift van het gewijzigde vonnis ontvangen en dat zij het ontvangen afschrift aan de griffie retourneren indien dit nog niet was gebeurd.

Uitkomst: Het vonnis van 24 mei 2016 wordt aangevuld met de expliciete vermelding dat de toegekende schadevergoeding van €15.000 bruto is.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht
Locatie Groningen
zaak-/rolnummer: 4514881 \ CV EXPL 15-13785
aanvullend vonnis van de kantonrechter d.d. 5 juli 2016
In de procedure die bij de locatie Groningen van de sector kanton
van de rechtbank Noord-Nederland aanhangig is geweest tussen:
[Eiseres],
wonende te [plaats] ,
eiseres,
gemachtigde: mr. J.M. Jansen,
tegen
De stichting
STICHTING ARBEIDSLOKET,
gevestigd te Hoogezand,
gedaagde,
gemachtigde: mr. D. Kneppel,
Partijen zullen hierna [Eiseres] en De Stichting worden genoemd.
Procesverloop

1.Het verzoek tot aanvulling

1.1.
Bij brief van 7 juni 2016 heeft de gemachtigde van De Stichting aan de griffier van de rechtbank, afdeling privaatrecht, kamer van kantonzaken, verzocht om aanvulling van het tussen partijen gewezen vonnis van 24 mei 2016, in die zin dat de in rechtsoverweging 5.1. toegewezen vergoeding wordt aangevuld met de vermelding dat dit bedrag
brutobetaald moet worden.
1.2.
De kantonrechter heeft [Eiseres] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten.
1.3.
Bij brief d.d. 9 juni 2016 heeft de gemachtigde van [Eiseres] namens deze aangegeven niet in te stemmen met de verzochte aanvulling, stellende dat geen sprake is van een verzuim om te beslissen over een onderdeel van het gevorderde in de zin van artikel 23 Rv Pro, nu een schadevergoeding is gevorderd en toegewezen.
1.4.
Bij brief van 14 juni 2016 heeft de griffier partijen namens de kantonrechter bericht dat het bij vonnis van 24 mei 2016 aan [Eiseres] toegewezen bedrag een brutobedrag betrof. Ook is in deze brief aangegeven dat dit op verzoek in een beslissing kan worden vastgelegd.
1.5.
Bij brief van 17 juni 2016 is namens [Eiseres] om een uitspraak gevraagd.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter stelt vast dat bij vonnis van 24 mei 2016 aan [Eiseres] ten laste van De Stichting is toegewezen een schadevergoeding ex artikel 7:681 BW Pro van € 15.000,00.
2.2.
Gelet op de wijze waarop de schadevergoeding is berekend, kan er geen twijfel over bestaan dat daarmee een brutobedrag is bedoeld. Waar ook de gevorderde schadevergoeding is berekend op basis van de "oude kantonrechtersformule" wordt er van uitgegaan dat veroordeling van een brutobedrag is gevorderd.
Aldus is verzuimd om op dit onderdeel van de vordering expliciet te beslissen en wordt dit alsnog gedaan in de zin zoals hiervoor aangegeven.
2.3.
De kantonrechter zal het verzoek ex artikel 32 Rv Pro dan ook toewijzen als volgt.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
bepaalt dat in het dictum sub. 5.1 na € 15.000,00 van het vonnis op 24 mei 2016 tussen [Eiseres] en De Stichting gewezen dient te worden toegevoegd:
“bruto”,
3.2.
bepaalt dat een afschrift van dit vonnis wordt gehecht aan de minuut van het vonnis van 24 mei 2016,
3.3.
bepaalt dat aan ieder der partijen een grosse/afschrift van het gewijzigde vonnis wordt verstrekt;
3.4.
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 24 mei 2016 na ontvangst van deze aanvullende beslissing aan de griffie van de rechtbank, kamer voor kantonzaken, locatie Groningen te retourneren.
Aldus gewezen door mr. E.J. Oostdijk, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 juli 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.
c [ejo]