ECLI:NL:RBNNE:2017:1166
Rechtbank Noord-Nederland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Transitievergoeding wordt aangemerkt als inkomen voor bijstandsrecht
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeente Emmen om haar aanvraag voor een bijstandsuitkering af te wijzen vanwege een te hoog inkomen, waaronder een ontvangen transitievergoeding. De transitievergoeding werd door verweerder als inkomen aangemerkt, wat leidde tot het afwijzen van de bijstandsuitkering.
De rechtbank heeft onderzocht of de transitievergoeding als inkomen of als vermogen moet worden beschouwd. Daarbij is gekeken naar de wettelijke bepalingen van de Participatiewet, de aard van de transitievergoeding en de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep. De rechtbank concludeert dat de transitievergoeding, net als de ontslagvergoeding die eraan voorafging, primair bedoeld is om te voorzien in de noodzakelijke kosten van het bestaan na ontslag en daarom als inkomen moet worden aangemerkt.
Eiseres stelde dat de vergoeding als vermogen moet worden gezien en dat zij niet op de vergoeding hoeft te interen omdat zij deze wil gebruiken voor omscholing. De rechtbank verwierp deze argumenten omdat de Participatiewet geen uitzondering maakt voor het buiten beschouwing laten van inkomen op basis van bestedingsintenties.
Uiteindelijk verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde dat eiseres geen recht heeft op bijstand zolang haar inkomen, inclusief de transitievergoeding, boven de bijstandsnorm ligt.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de transitievergoeding als inkomen geldt, waardoor eiseres geen recht heeft op bijstand.