ECLI:NL:RBNNE:2017:2182
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen DNA-afname na veroordeling wegens brandstichting ongegrond verklaard
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 12 juni 2017 het bezwaarschrift van klager tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel ongegrond verklaard. Klager was veroordeeld wegens opzettelijk brandstichten met gemeen gevaar voor goederen en werd veroordeeld tot een taakstraf. Hij voerde aan dat zijn jonge leeftijd, persoonlijke omstandigheden en positieve ontwikkeling een uitzondering op de Wet DNA rechtvaardigen.
De raadsman stelde dat vanwege klagers bijzondere omstandigheden en het geringe recidivegevaar een belangenafweging moest worden gemaakt, waarbij de belangen van klager zouden moeten prevaleren. Ook werd aangevoerd dat de langdurige bewaartermijn van DNA disproportioneel is in dit geval.
De officier van justitie en de rechtbank oordeelden dat de Wet DNA een strikt systeem kent waarin geen ruimte is voor een belangenafweging, behalve bij objectief waardeerbare bijzondere omstandigheden die ontbreken in deze zaak. De ernst van het feit en de leeftijd van klager maken het niet aannemelijk dat DNA-afname disproportioneel is. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Hoge Raad en verklaarde het bezwaarschrift ongegrond.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen DNA-afname is ongegrond verklaard en het DNA-profiel mag worden bepaald en verwerkt.