Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[eiseres 1] ,
[eiseres 2],
[eiser 3],
1.De procedure
- het vonnis in het incident van 4 november 2015;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek, tevens akte wijziging/aanvulling van gronden;
- de akte zijdens [eisers] ;
- de antwoordakte tevens bezwaar tegen wijziging gronden zijdens [gedaagde ] .
2.De feiten
3.De vordering
de proceskosten en de nakosten.
4.De beoordeling
Met betrekking tot het primair onder I gevorderde
"Vordering [gedaagde ] (zoon) € 325.835,00" wegvalt en dat de post "schulden erfgenamen vader € 350.944,00" eigenlijk met een voor de rechtbank onbekend bedrag zou moeten worden verlaagd. Wat betreft deze post zij echter opgemerkt dat het hier gaat om de erfdelen van partijen uit de nog onverdeeld gelaten nalatenschap van de vader, welke nalatenschap nog deel uitmaakt van zijn eveneens nog onverdeeld gelaten, door zijn overlijden ontbonden huwelijksgemeenschap met de moeder. Partijen zijn hierin als deelgenoten gelijkelijk gerechtigd, zoals zij dat ook zijn in de nalatenschap van de moeder, zodat het voor de verdeling geen praktisch nut heeft om de boedel te splitsen in een deel bestaande uit de nalatenschap van de moeder en een deel bestaande uit de nalatenschap van de vader. De post "schulden erfgenamen vader" kan dan ook voor de bepaling van wat een ieder toekomt worden gesteld op nihil.