ECLI:NL:RBNNE:2017:4159
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Beslagvrije voet op zorgtoeslag bij beslaglegging door schuldeiser
De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Nederland behandelde een verzoek van Holtman, bewindvoerder van een onderbewindgestelde, om de artikelen 475b en 475d Rv van toepassing te verklaren op de zorgtoeslag waarop beslag was gelegd door AnderZorg. AnderZorg had beslag gelegd zonder toepassing van een beslagvrije voet, wat leidde tot een geschil over de rechtmatigheid hiervan.
De feiten betroffen twee verstekvonnissen waarbij de onderbewindgestelde was veroordeeld tot betaling aan AnderZorg, die daarop beslag legde op de zorgtoeslag. De Belastingdienst bevestigde dat bedragen onder het beslag vielen. Holtman verzocht om een beslagvrije voet te laten toepassen, gebaseerd op jurisprudentie dat zorgtoeslag een vordering tot wederkerende betaling is.
AnderZorg verweerde zich met een beroep op artikel 45 Awir Pro, dat beslag op zorgtoeslag alleen toestaat voor de schuldeiser waarvoor de tegemoetkoming is bedoeld, en verwees naar een arrest van het gerechtshof Den Haag dat geen beslagvrije voet op zorgtoeslag toelaat.
De kantonrechter oordeelde dat ondanks de strekking van artikel 45 Awir Pro, de artikelen 475b en 475d Rv op de zorgtoeslag van toepassing kunnen zijn, mede gelet op eerdere jurisprudentie en een nog niet in werking getreden wetswijziging. De beslagvrije voet werd vastgesteld op €802,03 netto, rekening houdend met het verblijf van de onderbewindgestelde in een zorg-/verpleeginrichting.
AnderZorg werd veroordeeld in de proceskosten en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De beslagvrije voet op de zorgtoeslag wordt vastgesteld op €802,03 netto en artikelen 475b en 475d Rv worden van toepassing verklaard.