ECLI:NL:RBNNE:2017:5092

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
29 mei 2017
Publicatiedatum
9 januari 2018
Zaaknummer
C18/176389/ PR RK 17-184
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wraking bestuursrechter niet-ontvankelijk wegens ontbreken gronden en namen rechters

Verzoeker heeft bij brief van 22 mei 2017 een verzoek tot wraking ingediend tegen de bestuursrechter in een lopende bestuursrechtelijke procedure. Het verzoek richt zich op de rechter(s) die mogelijk de zaak zullen behandelen, maar bevat geen namen van deze rechters.

De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:15 Awb Pro een wrakingsverzoek moet zijn gericht tegen een specifieke rechter of rechters en moet zijn onderbouwd met concrete feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid in twijfel trekken. Het ontbreken van namen en gronden leidt ertoe dat het verzoek niet-ontvankelijk is.

De rechtbank besluit het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk te verklaren en de bestuursrechtelijke procedure voort te zetten in de stand waarin deze zich bevond bij indiening van het verzoek. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek wordt achterwege gelaten.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van namen en gronden.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Groningen
zaaknummer: C18/176389/ PR RK 17-184
beslissing van de meervoudige kamer van 29 mei 2017
op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van
[naam] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker.

1.Procesverloop

Bij brief van 22 mei 2017 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot wraking van de bestuursrechter in de procedure met nummer LEE 17/1774 BESLU (aanhangig bij deze rechtbank, afdeling Bestuursrecht) waarbij verzoeker als partij is betrokken.

2.Overwegingen

2.1.
Ingevolge artikel 8:15 Awb Pro e.v. kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
2.2.
Het wrakingsverzoek bevat niet de naam c.q. namen van de behandelende rechter(s) in de zaak, waarin verzoeker de rechter(s) wraakt. Daaruit leidt de rechtbank af dat verzoeker kennelijk beoogt alle rechters te wraken die mogelijkerwijs die zaak gaan behandelen. Dat is niet mogelijk, gelet op het arrest van de Hoge Raad van 18 december 1998 (NJ 1999/271).
2.3.
Omdat verzoeker voorts geen concrete feiten of omstandigheden aanvoert waaruit blijkt van vooringenomenheid van de rechter(s) in de procedure met zaaknummer 17/1774 BESLU, dient het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk te worden verklaard. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek kan daarom achterwege blijven.

3.Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het verzoek niet-ontvankelijk;
- bepaalt dat de procedure met zaaknummer LEE 17/1774 BESLU wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek tot wraking;
- beveelt de onverwijlde mededeling van deze beslissing aan verzoeker en het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Haren.
Deze beslissing is gegeven door mrs. R.B.M. Keurentjes, voorzitter, P. Molema en
W.P. Claus, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2017.
typ: 123