ECLI:NL:RBNNE:2017:5101
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens vermeende partijdigheid rechter
Op 5 september 2017 diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen mr. H.J. Idzenga, rechter in een civiele procedure, omdat deze weigerde aangifte te doen van een vermeend misdrijf waarop verzoeker had gewezen. De wrakingskamer behandelde het verzoek en concludeerde dat de feiten en omstandigheden onvoldoende waren om twijfel aan de onpartijdigheid van de rechter te rechtvaardigen.
Verzoeker stelde dat de weigering van mr. Idzenga om aangifte te doen en stukken in ontvangst te nemen duidde op partijdigheid. Mr. Idzenga gaf aan dat de verplichting tot aangifte niet zo ver reikt dat hij van elk voorgelegd misdrijf aangifte moet doen, en dat de verdenking niet viel onder de categorieën waarvoor een verplichte aangifte geldt.
De rechtbank overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn en dat alleen uitzonderlijke omstandigheden tot wraking kunnen leiden. Het enkele subjectieve oordeel van verzoeker was niet doorslaggevend. De rechtbank vond dat de weigering tot aangifte en het niet in ontvangst nemen van stukken geen aantasting van onpartijdigheid vormde en wees het wrakingsverzoek af. De hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. Idzenga wordt afgewezen wegens onvoldoende aanwijzingen voor rechterlijke partijdigheid.