ECLI:NL:RBNNE:2017:5119
Rechtbank Noord-Nederland
- Wraking
- A. van der Meer
- M. Jansen
- E.Th.M. Zwart-Sneek
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na eindbeslissing in civiele nalatenschapszaak
Verzoekster, belanghebbende bij een verzoek tot benoeming van een vereffenaar van een nalatenschap, diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die het benoemingsverzoek behandelde. Dit wrakingsverzoek werd door de eerste wrakingskamer afgewezen. Vervolgens diende verzoekster een nieuw wrakingsverzoek in tegen de rechters van deze wrakingskamer nadat deze een eindbeslissing had genomen.
De tweede wrakingskamer oordeelde dat wraking bedoeld is om de onpartijdigheid van een rechter te waarborgen zolang deze nog bij de behandeling van een zaak betrokken is. Omdat de eerste wrakingskamer al een eindbeslissing had genomen, was het doel van wraking niet meer te bereiken. De wet voorziet niet in wraking na een einduitspraak.
Daarom werd het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank gaf daarnaast aan dat bij het plannen van de zitting voor het eerste wrakingsverzoek geen rekening hoeft te worden gehouden met verhinderingen van partijen, conform het wrakingsprotocol van de rechtbank Noord-Nederland.
De beslissing werd uitgesproken door de tweede wrakingskamer op 3 mei 2017.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat de wrakingskamer reeds een eindbeslissing had genomen.