Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Stichting Kinderopvang Noord-West Friesland,
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De verzoeken
4.De beoordeling
131,25
€ 400,00
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoekster was sinds 2007 in dienst bij de Stichting en werd per 26 september 2014 volledig arbeidsongeschikt. Na het verstrijken van de wachttijd van 104 weken ontving zij een WIA-uitkering vanaf 23 september 2016. De Stichting beëindigde haar dienstverband per die datum zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het UWV, wat wettelijk verplicht is bij opzegging wegens langdurige arbeidsongeschiktheid.
Verzoekster vorderde betaling van een transitievergoeding, een billijke vergoeding wegens de onrechtmatige opzegging en een vergoeding voor niet genoten verlofuren. De Stichting verscheen niet op de zittingen en gaf geen inhoudelijke reactie op de vorderingen.
De kantonrechter oordeelde dat de opzegging in strijd was met de wettelijke regels omdat de Stichting geen toestemming van het UWV had gevraagd. Hoewel de Stichting waarschijnlijk die toestemming zou hebben gekregen, was het verzuim haar aan te rekenen. De billijke vergoeding werd gematigd tot € 1.000,- vanwege de omstandigheden. Tevens werd de vergoeding voor niet genoten verlofuren toegekend, waarbij het verlofsaldo naar rato van de duur van het dienstverband in 2016 werd berekend.
De Stichting werd veroordeeld tot betaling van de transitievergoeding, de billijke vergoeding, de vergoeding voor niet genoten verlofuren, de wettelijke rente en een wettelijke verhoging. Ook werden de proceskosten aan de zijde van verzoekster toegewezen.
Uitkomst: Stichting wordt veroordeeld tot betaling van transitievergoeding, billijke vergoeding van €1.000 en vergoeding voor niet genoten verlofuren met rente en proceskosten.