ECLI:NL:RBNNE:2018:327
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling disciplinaire straf wegens plichtsverzuim milieu-inspecteur Wetterskip Fryslân
Eiser, sinds 1986 werkzaam bij Wetterskip Fryslân als milieu-inspecteur, werd geconfronteerd met disciplinaire maatregelen wegens plichtsverzuim. Na een integriteitsonderzoek door het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten (BING) werd vastgesteld dat eiser de Keur en de Flora- en faunawet had overtreden, onder meer door het niet tijdig verwijderen van strobalen binnen een beschermingszone en het onjuist afhandelen van hekkelspecie. Tevens werd vastgesteld dat eiser privézaken via zijn zakelijke e-mailadres en met gebruik van waterschapsmateriaal afhandelde, en dat hij in uniform privékwesties besprak, wat misbruik van zijn positie vormde.
Het onderzoek naar het privé e-mailgebruik van eiser werd echter als onrechtmatig verkregen bewijs aangemerkt, omdat er geen concrete aanleiding was voor dit onderzoek en het in strijd was met het integriteitbeleid van Wetterskip Fryslân. Dit bewijs werd buiten beschouwing gelaten. Desondanks vond de rechtbank voldoende andere feiten die plichtsverzuim aannemelijk maken.
Eiser voerde aan dat de straf disproportioneel was en dat het onderzoek eenzijdig en onzorgvuldig was geweest. De rechtbank verwierp deze bezwaren, oordeelde dat de gedragingen aan eiser konden worden toegerekend en dat de opgelegde straf van plaatsing in een lagere functie passend was gezien de ernst van het plichtsverzuim en zijn verantwoordelijkheid als milieu-inspecteur.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Klachten over arbeidsomstandigheden in de nieuwe functie konden buiten deze procedure worden behandeld.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de disciplinaire straf wordt ongegrond verklaard en de straf van plaatsing in een lagere functie bevestigd.