Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
de-audituverklaringen van de jong minderjarige [slachtoffer 1] , die bekend zijn geworden via door de politie gehoorde getuigen, betrouwbaar acht. De rechtbank stelt daarbij voorop dat met verklaringen van zeer jonge kinderen zeer behoedzaam dient te worden omgegaan.
de-audituverklaringen van [slachtoffer 1] over de ontuchtige handelingen, en zijn expliciete uitbeeldingen daarvan, als betrouwbaar zijn aan te merken.
de-audituverklaringen van [slachtoffer 1] vindt de rechtbank voorts in de bij de politie afgelegde verklaring van verdachte, die onder meer inhoudt dat [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] enkele weken voor 3 mei 2016 met de broek uit aan elkaars piemels zaten toen verdachte de kamer inliep. Weliswaar is verdachte hierop ter zitting teruggekomen, maar de rechtbank houdt hem aan de verklaring die hij bij de politie heeft afgelegd. Verdachte heeft geen plausibele verklaring kunnen geven waarom de inhoud van het door hem ondertekende proces-verbaal van verhoor niet zou kloppen. De rechtbank acht daarom de
de-audituverklaringen van [slachtoffer 1] voldoende gesteund door het studioverhoor van [slachtoffer 2] en dit onderdeel van de verklaring van verdachte.
'aan de zorg en waakzaamheid toevertrouwd' niet bewezen worden verklaard. Verdachte dient daarom van feit 2 subsidiair te worden vrijgesproken. Een meer subsidiaire tenlastelegging op basis van artikel 247 Sr Pro., waarvoor waarschijnlijk een bewezenverklaring had kunnen volgen, ontbreekt.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
.
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden.
een gedeelte, groot vier maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op twee jaren, de hierna te noemen algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.
[getuige 1]toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van €
2.000,00(zegge: tweeduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 april 2016.